De witte wolf
door Rianne Wijmenga
Een sprookje uit Litouwen
Jorin sjokte door het bos. Hij was moe. Ze liepen nu al twee dagen
met maar een kleine rustpauze tussendoor. "Ramon, gaan we nu even
rusten. Ik heb zulke zere voeten," zei hij tegen Ramon, zijn leermeester.
Die zuchtte. "Jorin, hoe vaak heb je dat nou al niet gevraagd? Je
weet dat de koning zo snel mogelijk naar huis wil, al heeft hij het
geschenk voor prinses Liza niet." Jorin knikte. De koning, met wie
zij op reis waren, had drie knappe dochters. Hij had aan alledrie
gevraagd welk geschenk hij voor ze mee moest nemen, nu hij op handelsreis
ging. De oudste, Annika, vroeg haar vader om de mooiste trompet die
hij kon vinden, omdat ze heel erg van trompet spelen hield. De tweede
prinses, Fiore, was gek op poëzie en vroeg haar vader om een bundel
met de mooiste gedichten die er bestonden. Liza, de jongste dochter,
's konings lieveling, wilde een prachtige bloem, zodat ze die bij
haar andere bloemen kon doen. De koning was vol goede moed vertrokken.
Al snel had hij zijn taken volbracht. Toen ging hij op zoek naar de
cadeaus voor zijn dochters. In de havenstad woonde de beste trompetmaker
van het land. Die maakte een prachtige, gouden trompet voor de koning,
die zo helder klonk als je je maar voor kan stellen. De trouwste dienaar
van de koning, Levu, ontmoette de beste dichter van het land, die
hij vroeg een gedichtenbundel voor prinses Fiore samen te stellen.
Binnen een week had de koning ook dit geschenk in handen. Maar de
bloem voor prinses Liza was een probleem. Zelf de beste bloemist van
het land had niet een bloem die goed genoeg was voor de prinses. De
koning wilde niet opgeven te zoeken naar deze bloem, tot de berichten
over de storm kwamen. Binnen een week zou een verschrikkelijke storm
losbarsten. Dus vertrok de koning met zijn stoet, maar zonder het
cadeau voor prinses Liza.
Jorin trok zijn mantel wat strakker om zich heen. Er woei hier een
koude wind. Was dat een voorteken voor de storm? Jorin huiverde. Hij
had één keer een storm meegemaakt. Hij had onder het enige bed in
hun kleine huisje gelegen. Buiten zochten zijn ouders naar zijn kleine
zusje, tot ze beiden geraakt werden door vallende takken. Later ontdekte
Jorin dat zijn zusje in een ravijn was gevallen. Gelukkig had zijn
oom hem opgenomen en naar Ramon gestuurd, om het vak van paardenmenner
te leren. Jorin had het erg naar zijn zin bij Ramon en hij vond het
leuk om met paarden te werken. Het enige vervelende waren de reizen
met de koning. Alleen de belangrijke mensen mochten op paarden zitten
en hij moest dus altijd lopen.
"Stop!" Levu stak zijn had op en de stoet stopte. "Uwe Majesteit,
kijk daar eens." Hij wees omhoog. Alle ogen volgden zij uitgestoken
vinger en… Bij iedereen viel de mond open van verbazing. Boven in
een reusachtige spar groeide een prachtige, witte bloem. De koning
zuchtte verrukt en zei: "Die wil ik hebben voor Liza. Stuur iemand
om 'm te plukken." Levu knikte beleefd en reed zijn paard naar Ramon
en Jorin. "Jorin, jij moet de boom in klimmen," zei hij, "om de bloem
voor onze Majesteit te halen." Jorin werd bleek. "Moet, moet ik zo
hoog klimmen naar die bloem?" stotterde hij. Levu keek hem afkeurend
aan. "Jorin zal de bloem halen," zei Ramon. Toen Levu weg reed, barste
Jorin uit tegen Ramon. "Waarom moet ik dat doen? Je weet dat ik hoogtevrees
heb!" riep hij in paniek. "Ga nou maar." Jorin keek Ramon vol onbegrip
aan. Die gaf hem een duwtje in de richting van de boom. Schoorvoetend
liep Jorin naar de boom. Hij ademde even diep in en legde toen zijn
handen om de onderste tak. Langzaam trok hij zich er aan op. Hij klemde
zich dicht tegen de stam en stapte over naar een andere tak, vanwaar
hij makkelijk de volgende tak kon pakken. En zo klom hij door, tot
hij zich uiteindelijk optrok aan de tak waarop de wonderlijke bloem
groeide. Met een zucht van verlichting rustte Jorin even uit tegen
de stam. Plotseling dook er een grote, witte wolf op tussen de bladeren
van de boom. Jorin zette grote ogen op, verloor zijn evenwicht en
greep om zich heen naar houvast. Een kleine tak brak onder zijn gewicht
en hij gleed naar beneden. Een klauw sloeg zich in Jorins mantel en
trok hem weer op de tak van de bloem. "Gaat het?" vroeg de wolf hem.
Jorin hapte naar adem. "Je kunt praten?" De wolf knikte. "Jij komt
voor de bloem?" Nu was het Jorins beurt om te knikken. "Je kunt hem
krijgen op een voorwaarde: dat ik het eerste, dat de koning begroet
als hij weer thuis is, krijg." "Ik zal het hem zeggen." Jorin liet
zich zakken tot beneden en liep snel naar de koning. Net voor die
hem een standje kon geven, omdat hij de bloem niet had, begon hij
over de witte wolf en over en zijn voorwaarde om de bloem te krijgen.
De koning, die alleen maar aan het cadeau voor zijn dochter kon denken,
stemde toe. Want hij dacht: de oude Joezoef zal de paleispoort voor
ons openen en ons welkom heten. Die wilde ik toch binnenkort ontslaan,
dus als ik die af moet staan, is het niet erg.
Jorin was ondertussen alweer de boom in geklommen. "De koning stemt
in met de voorwaarde," zei hij, toen hij de wolf bereikt had. "Neem
de bloem en zeg dat ik mijn beloning over drie dagen op kom halen."
Met een grote sprong verdween de witte wolf naar beneden. Wauw, ik
wilde dat ik dat kon, dacht Jorin, terwijl hij verbaasd toekeek. Daarna
plukte hij de bloem en bracht hem naar de koning. Die was er erg blij
mee en wilde meteen weer vertrekken.
Jorin mocht als beloning bij een wachter op het paard zitten. Trots
bekeek hij het landschap om hem heen. Hij vond het prachtig. Ramon
zag zij leerjongen genieten en gunde het hem van harte. Hij werkte
altijd zo hard.
De volgende dag kwamen ze rond het middaguur bij het paleis aan. Tot
's konings verbazing stond de poort wijd open. "Vader," klonken de
stemmen van zijn oudste dochters. Ze renden het bordes af, naar hem
toe. De oude Joezoef kwam uit zijn portiershokje en strompelde ook
naar de koning om hem te begroeten.
Plotseling schoot de jongste prinses op haar vader toen, sloeg haar
armen om zijn nek en gaf hem een dikke zoen. "Vader, ik ben zo blij
dat u terug bent," juichte ze. Annika en Fiore, die Joezoef ingehaald
hadden, omhelsden hun vader ook. Als laatste begroette Joezoef zijn
heer. Blij keerde die zich naar Levu, voor de geschenken voor zijn
dochters. Tot zijn verbazing keek zijn trouwste dienaar met grote,
bange ogen naar Liza. "Levu, wat…" begon hij, maar nog voor hij zijn
vraag af had gemaakt, wist hij het antwoord. Niet de oude Joezoef
had hem als eerste begroet, noch een andere dienaar. Het was zijn
liefste dochter geweest, die hem, blij om zijn thuiskomst, omhelst
en gezoend had.
Diep bedroefd duwde hij zijn dochters van zich weg, besteeg zijn paard
en reed in vol galop de koninklijke bossen in.
Jorin, die dor de wachter van het paard was getild, liep naar Ramon.
"Ramon, waarom is de koning opeens verdrietig?" Ramon schudde zijn
hoofd. "Weet je nog wat de koning de witte wolf beloofde?" "Ja, hij
zou hem het eerste dat hem als hij thuis kwam begroette geven." "En
wie begroette hem het eerste?" "Zijn dochter…." Jorin realiseerde
zich met een schok wat er gebeurd was. "Moet Liza nu met de koning
mee?" Ramon knikte. "Maar laten wij daar nu niet om gaan treuren,
er is werk aan de winkel." Samen met Jorin leidde hij de paarden naar
de stal, waar ze hen verzorgden. Maar de witte wolf bleef wel in Jorins
hoofd rondspoken.
's Avonds barste het onweer in alle hevigheid los. Normaal sliep Jorin
er rustig doorheen, maar zijn hoofd zat vol met de gebeurtenissen
van de afgelopen twee dagen. "Kun je ook niet slapen, Jorin?" Tiara,
de aangenomen dochter van Ramon, stak haar hoofd om het schot dat
haar gedeelte van de kamer scheidde van dat van hem. Haar haar piekte
uit har vlecht en ze had haar deken om zich heen getrokken. Jorin
werkte zich met zijn ellebogen overeind. "Nee." Tiara liep naar zijn
strozak en ging op het voeteneinde zitten, met haar rug tegen de muur.
"Ik moet steeds maar aan die arme Liza denken. Aan wat er met haar
zal gebeuren als ze met die wolf mee moet." Jorin wikkelde zijn deken
om zich heen en ging naast Tiara zitten. "Tegen mij was de wolf weg
aardig, hoor." Tiara lachte schamper. "Een dode kon zijn boodschap
moeilijk overbrengen." Jorin knikte. Stom van hem om daar niet aan
te denken. Tiara schoof tegen hem aan. "Brr, wat is het hier koud."
Jorin legde zijn arm om haar schouders. "Je kunt beter gaan slapen.
Dan voel je de kou niet. "Oké." Tiara sloot haar ogen. Niet hier,
wilde Jorin zeggen, maar Tiara sliep al. Voorzichtig legde hij haar
op zijn stromat neer. Stilletjes schoof hij zijn oude strozak, die
nog steeds in zijn 'hoekje' lag, ernaast. Al snel sliep hij in, ondanks
het onweer en zijn krioelende gedachten.
Twee dagen later was Jorin bezig twee pony's 'uit te laten' in de
wei naast het paleis, samen met Tiara, toen de witte wolf verscheen.
"Kom mee," gromde hij Jorin toe. "Waarom?" vroeg die verbaasd. "Begeleid
mij naar de koning." De wolf begon in de richting van het bordes te
lopen. Jorin haalde verbaasd zijn schouders op tegen Tiara, drukte
haar de teugels van 'zijn' pony in handen en holde de wolf achterna.
Hij wees hem de weg naar de troonzaal, waar de koning net spreekuur
voor zijn onderdanen hield. Toen hij de wolf zat, stuurde hij iedereen
weg, behalve Levu. Jorin verschool zich in een donkere nis.
"Wat kom je doen?" vroeg de koning onverschillig. "Ik kom mij beloning
halen." "Oh, dat. Levu, haal Quis." De wolf deed een stap in de richting
van de troon. "Koning, het was niet deze hond die u begroette, toen
u thuis kwam." "Oh." De koning keek betrapt, maar herstelde zich weer.
"Je hebt gelijk. Ik wilde jouw slimheid op de proef stellen. Levu,
haal de oude Joezoef." De wolf deed nog een stap naar de troon. "De
oude Joezoef heeft u wel begroet bij uw thuiskomst, koning, maar niet
als eerste." De koning zuchtte diep. "Levu, haal mijn jongste dochter."
Levu verdween door een zijdeur en kwam even later terug met een meisje,
gekleed in een prachtige, zijden jurk. "Stap op mijn rug," gebood
de wolf haar. "Dank u," gromde de wolf en hij verdween door het raam.
De koning en Levu renden naar het raam om te kijken waar hij heen
zou gaan. Jorin maakte van de situatie gebruik en glipte de troonzaal
uit. Hij rende naar de wei, waar Tiara nog steeds met de twee pony's
bezig was. "Ik moet hem volgens," riep hij tegen haar, terwijl hij
de teugels van een pony van haar af nam. Hij sprong op diens rug en
reed in vol galop weg. "Hij ging die kant uit," riep Tiara hem na.
Het bos in, dacht Jorin. Na tien minuten hard rijden, liet hij zijn
pony halt houden. Ik ben ze kwijt, dacht hij. Hè, bah. Hij wilde net
omkeren, toen hij een stem hoorde. "Hier rusten we," werd er gegromd
en Jorin herkende meteen de stem van de wolf. Hij zag een jong meisje
in een zijden jurk op een steen gaan zitten. "Oh, wat is hier veel
sappig en mals gras," riep ze uit. "Ik snap niet dat ze hier nooit
schapen of geiten laten grazen." Verbaasd luisterde de wolf naar haar.
"U spreekt als een herderin, in plaats van als een prinses," merkte
hij op. Terstond barste het meisje in tranen uit. "Het spijt me, meneer
de wolf, maar doe me alstublieft niets. Ik ben inderdaad een herderinnetje.
Ik moest de plaats van de prinses innemen, omdat de koning haar niet
kwijt wil," snikte ze.
Jorin keek met grote ogen toen. Ja, nu herkende hij de dochter van
de schapen- en geitenhoeder in het mooi geklede meisje. Oh jee, wat
zou de wolf met haar doen? Maar de wolf bleek de kwaadste niet. "Ga
maar weeg op mijn rug zitten. Ik breng je terug naar het paleis."
Het nog nasnikkende meisje klom weer op zijn rug en de wolf rende
ervandoor. Jorin sprong op zijn pony en reed terug naar het paleis.
Hij zag nog net dat het herderinnetje van de wolfs rug stapte voor
de schaapskooi en dat de wolf toen het paleis in stormde. Hij liet
zijn pony achter in de wei en ging onder een raam van de troonzaal
op een houten kistje staan.
"U heeft zich niet aan uw afspraak gehouden," gromde de wolf kwaad.
"Ik wilde nu jouw goede smaak op de proef stellen. Maar je hebt de
test goed doorstaan. Ik vertrouw je nu mijn echte dochter toe." Hij
wenkte Levu, die verdween en terug kwam met een knap meisje, gekleed
in een jurk van zijde, afgezet met kant. Toen Jorin het meisje herkende,
viel hij van schrik bijna van zijn kistje af. Het was Tiara! Tiara
moest voor prinses spelen. Meteen rende hij naar zijn pony, sprong
op diens rug en reed naar het bos. Hij verstopte zich met pony en
al achter een paar bomen. Daar wachtte hij en even later stormde de
wolf er langs het bos in, met Tiara op zijn rug. Snel zette Jorin
de achtervolging in. Ze reden lang door, langer dan bij het herderinnetje.
Maar uiteindelijk stopte de wolf om wat te rusten. Ze zaten vlak bij
een tuin vol prachtige bloemen. De wolf plukte een bloem en gaf die
aan Tiara. "Alstublieft. Dit is een…" "Dat is een parconia," riep
Tiara verrukt uit. "Die zijn erg zeldzaam in deze streek." De wolf
zette grote ogen op. "Wie heeft je dat geleerd?" Verschrikt sloeg
Tiara haar hand voor haar mond, want ze besefte dat ze zich versproken
had. "Mijn vader," stamelde ze. "Die was vroeger tuinman bij de koning.
Tot hij overleed aan een vreemde ziekte. Sindsdien woon ik bij de
stalmeester en zijn leerling. De dienaar van de koning gebood mij
door te gaan voor prinses Liza." De wolf gromde, Tiara kromp ineen.
Jorin liet de teugels van zijn pony los en sprong door de struiken
heen naar Tiara. "Blijf bij haar vandaan," riep hij, terwijl hij met
een scherpe tak in de richting van de wolf wees. "Jij!" riep de wolf
verbaasd uit. "Ja, ik." "Ben je mij gevolgd?" "Toen ik zag dat je
Tiara meenam…" Er gleed een schaduw over de verbaasde blik van de
witte wolf. Hij gromde boos en zei: "Die verrekte koning. Eerst probeert
hij mij de verkeerde mee te geven, dan geeft hij mij twee keer een
nepprinses mee." Hij draaide zich om en holde weg. Op tien meter afstand,
stond hij nog even stil en riep naar Jorin: "Breng jij haar thuis?"
Jorin knikte en de wolf verdween.
"Wat ben ik blij dat jij ons gevolgd bent," zuchtte Tiara, toen ze
bij Jorin achter op de pony zat. Ze waren samen op weg naar huis.
Toen ze bijna bij het paleis terug waren, rende de wolf hen tegemoet.
Deze keer had hij de echte prinses op haar rug, die verschrikkelijk
huilde. "Volg me deze keer niet," gromde de wolf Jorin in het voorbijgaan
toe. Jorin knikte, Tiara drukte haar hoofd tegen zijn rug. Toen de
wolf was verdwenen, reden ze door naar de stal. Tiara vloog meteen
naar Ramon. "Gelukkig, je bent terug," riep die verheugd uit. "Dankzij
Jorin," snikte zij, want de emoties waren haar toch iets te vee geworden.
Twee uur later, nadat Jorin de stal had uitgemest, ging hij een stukje
rijden op een oud en paniekerig paard, Jon. Het was wat schemerig,
dus Jorin moest rustig rijden. Plotseling, toen Jorin langs de bosrand
reed, begon het paard te steigeren. Jorin boog zich voorover en gaf
het dier klopjes op zijn wang om het gerust te stellen. Maar toen
hoorde hij ook de voetstappen waarvan Jon geschrokken was. "Stil maar,
Jon, goed volk," fluisterde hij het paard toe. Maar toen er op het
pad de silhouetten van twee mensen verschenen, raakte Jon helemaal
in paniek. Het paard bokte en Jorin vloog van zijn rug. Hij belandde
in de struiken en Jon ging ervandoor.
"Heb je je bezeerd?" vroeg een jong meisje. De jongen die bij haar
was, trok hem overeind. "Jij!" riep hij verbaasd uit. "Ik ken u niet,"
antwoordde Jorin beleefd, want aan hun kleding zag hij dat het belangrijke
mensen waren. "Ik ken jou wel," lachte de jongen. "jij zult het wel
niet geloven, maar ik ben de witte wolf." Jorins mond viel open van
verbazing. "En ik ben prinses Liza," zei het meisje. Jorin boog meteen
diep voor het tweetal, maar de jongen trok hem weer overeind. "Je
bent en dappere jongen." "Ik zal je vertellen wat er gebeurd is, euh,
Jorin, is het niet?" "Ja, prinses." "Nou, ik was dus meegenomen door
de witte wolf, het bos in. Na ruim een half uur aan een stuk door
gereisd te hebben, kwamen we bij de spar, waar de bloem, die ik van
vader gekregen heb, in groeide. Onder die spar wachtte een grijze
wolf, die, toen wij aankwamen, riep: 'Daar is onze jonge, knappe koningin.
Dat zij en haar echtgenoot lang en gelukkig mogen leven.' Plotseling
kwamen er overal vandaag bosdieren: konijnen, muizen, eekhoorns, vogels,
zelfs everzwijnen en beren. Het waren er gewoon teveel om op te noemen.
Opeens sprak de grijze wolf: 'Prinses, wilt u de echtgenote worden
van de witte wolf?' Ik raakte eerst een beetje in paniek, maar ik
had mijn vader beloofd te doen wat de wolf mij zou vragen. 'Ja, ik
wil met hem trouwen,' antwoordde ik. 'Nu moet je de witte wolf kussen,'
tsjilpte een roodborstje. Mijn eerste gedachte was: jak!! Maar een
kikker kwaakte me geruststellend toe: 'Doe nou maar. Niemand is ooit
slechter geworden van een kus.' Dus ik gaf de wolf een kus op zijn
snuit. Plotseling veranderde hij in deze jongeman." Prinses Liza sloeg
een arm om de jongen naast haar heen. "Ik ben een koningszoon," vertelde
deze. "Ik ben door mijn stiefmoeder in een wolf veranderd, omdat zij
wilde dat haar eigen zoon de troon van mijn vader zou erven. Een goede
fee gaf mij de bloem, die ik moest bewaken. Door toeval ontmoette
ik zo de koning en nu ben ik door een kus van zijn dochter bevrijd."
"Nu gaan we naar mijn vader," zei de prinses. "Dag Jorin."
Het tweetal groette de verbaasde Jorin en liep naar het paleis. Jorin
stond aan de grond genageld. Met moeite kreeg hij zichzelf weer onder
controle. Zo snel als zijn benen hem konden dragen rende hij naar
huis. Daar vertelde hij alles aan Ramon en Tiara. Die geloofden er
niets van, tot de koning de volgende dag het bruiloftsfeest van prinses
Liza en prins Wolfgang aankondigde. Jorin en Tiara mochten bij het
diner 's avonds aan de tafel naast die van het bruidspaar zitten.
Tijdens het feest verzorgde Annika de muziek, door vrolijke nummers
op haar gouden trompet te spelen. Fiore bracht eigen gedichten en
die van de beste dichter van het land te gehore. Prinses Liza droeg
in haar haar de prachtige, witte bloem, die hen allen in dit avontuur
had gestort. Na het feest, dat drie dagen duurde, vertrok het bruidspaar
naar het koninkrijk van Wolfgang. De prinses was bedroefd dat zij
al haar bloemen achter zou moeten laten. Ze vertrouwde ze toe aan
Tiara, die haar verzekerde er goed voor te zorgen.
Iedereen zwaaide Wolfgang en Liza uit. Liza had wel tranen in haar
ogen, maar ze wist, dat niemand haar hier zou vergeten.
Ook Ramon, Tiara en Jorin zwaaiden de prins en zijn prinses uit. Tiara
beet wat zenuwachtig op haar nagels. "Ik hoop," vertrouwde ze Jorin
toe, "dat die boze stiefmoeder van Wolfgang weg is." "Ze is gestorven,"
berichtte Jorin. Tiara keek hem verbaasd aan. "Hoe weet jij dat?"
"Ik heb per ongeluk luistervink gespeeld," zei hij, met een stalen
gezicht. Tiara keek hem met gespeelde woede aan. "De Majesteiten afluisteren,
hè?! Weet je welke straf daar op staat? De kieteldood!" Jorin holde
hard weg, Tiara kwam hem lachend achterna. Ramon keek zijn beide 'kinderen'
na. Een glimlach verscheen op zijn gezicht.
Je kunt je reactie op het verhaal direct naar Rianne
sturen: rcwijmenga@zonnet.nl
Of ga naar haar eigen verhalensite: www.expage.com/mijnverhalen
Ook jij kunt hier je kinderverhalen publiceren,
en je illustraties
aan kinderverhalen toevoegen.
Hoe meer mensen mee schrijven en tekenen, des te meer kinderen hebben
plezier van onze verhalen.
Dus
doe mee !!

omhoog home