www.kinderverhalen.nl, de site voor en door liefhebbers van kinderverhalen

Peer en Barend
door Oma Jeske

Barend woont in en een dorpje vlakbij de grote stad in een klein huisje aan de rand van het bos.Het allerliefste speelt Barend in het bos, dan gaat hij bomen beklimmen, paddestoelen zoeken en boswachtertje spelen. Eindelijk is het zomervakantie en Barend is van plan om een boomhut te gaan bouwen, waarin hij de hele zomer kan spelen. Natuurlijk moet die eerst heel veel takken verzamelen om ‘m in elkaar te zetten en natuurlijk vooral het belangrijkste werk, de hut in elkaar timmeren.


Hamer en spijkers mocht die van z’n vader lenen, de zaag liever niet, anders zou hij zich lelijk bezeren. En ook een dikke rol met stevig touw, om de planken wat strakker aan elkaar te binden. Hij kreeg zelfs een houten trap om in en uit de hut te klimmen. Dus op zoek naar geschikt hout voor z’n hut. Na een paar dagen had Barend ‘t voor elkaar, hij had een super hut gemaakt van heel veel takken en dat helemaal in z’n uppie. En het schuine dak had hij met mooi groen mos betimmerd. Bij de ingang van de hut stond met mooie gekrulde letters: Perehut

Er was ruimte genoeg, hij dacht; nou kan ik mooi iedereen bespieden, die langs komt en dan lekker laten schrikken, want je moet eerst heel goed kijken voordat je de boomhut kan zien. Het is er heel gezellig, hij had een matje neer gelegd en een warm dekentje, stel je voor, dat ‘t eens koud zou worden, tekenspullen en zelfs een houten geweer in elkaar geflanst, een verrekijker om te zien of er iemand in de richting van de hut zou komen. Eigenlijk is het een geheime hut. Natuurlijk mogen z’n vriendjes er op den duur ook wel eens een kijkje nemen maar nu nog even niet.

Op een dag zat hij weer eens in z’n hutje en hoorde een stem, een suizende donkere maar vriendelijke stem. Die zei: “ Barend, wat fijn dat je in m’n takken woont”. “Eindelijk is er iemand die met mij wil praten”. De boom trilde en de takken dansten lichtjes heen en weer. Barend schrok zich een hoedje en riep: wwwie is daar en wwwwie zegt daar wwaaattt??? Hij zat te bibberen in z’n hutje.


Ik de Perenboom en jij hebt een hut gebouwd in mijn takken, waaraan eigenlijk peren moeten groeien. Maar sinds een paar jaar lukt dat niet meer. Nu is het zo, dat de bomen om mij heen, me links laten liggen en dat ze geen woord meer tegen mij zeggen. En het gekke is, ‘t zijn bijna allemaal dennenbomen. Weet je wel die met die harde stekels aan hun takken, dat zijn eigenlijk de bomen die door jullie mensen uit het bos worden gehaald en dan met Kerstmis worden versierd.

Ja, zei Barend ik weet wat je bedoelt. Ha, ha roepen de dennen, bij jou groeit er geen peer meer aan waarom sta je hier eigenlijk nog te groeien? Of: Je bent de kaalste en de lelijkste boom die bestaat!!!! Jij hoort hier niet in het bos te staan, waarom laat je jezelf niet omhakken?!! In het bos horen geen perenbomen!! Gelukkig heb ik nog genoeg groene bladeren aan mijn takken, anders zou ik een dode kale boom zijn en kon ik ook niet praten. Nog steeds weet ik niet waarom er geen peren meer aan m’n takken groeien. Lieve Barend zou jij mij kunnen helpen, zodat er weer volop peren aan mij groeien!? Dan zal ik jou beschermen tegen wind regen, storm en onweer!

Eindelijk drong ‘t tot Barend door, deze boom kan praten, jééétje wat leuk!! Even nadenken, nog nooit heb ik een boom horen praten en zou die niet gevaarlijk zijn? Weet je wat, dacht hij; eerst knijp ik mezelf of ik niet droom en daarna geef ik een flinke klap op 1 van z’n takken, kijken of die gekke boom reageert. Zo gezegd zo gedaan, aaauuuwww riep de boom, waarom doe je dat? Nou, zei Barend, ik wilde even testen of ik niet droomde dat ik werkelijk in een pratende boom zit. Zeg jongetje dat was even raak, zei Peer. Ik heb zelfs gevoel in mijn takken, zie je nou! Nu weet ik het zeker dat ik in een pratende perenboom zit en ik wil je best helpen maar ik weet alleen niet hoe ik dat moet doen. Ik zal eerst eens bij de dennenbomen gaan informeren. Misschien weten die meer. Oké, zei Peer maar niet te lang, want ik voel me nu al eenzaam worden zonder jou, ik voel gewoon, dat we nu al vrienden zijn. Ja, tuurlijk zei Barend en hij ging op pad.


De eerste de beste dennenboom sprak hij aan en vroeg: zeg dennetje zou jij misschien kunnen vertellen wat er nu precies aan de hand is met Peer de pereboom? Ssshhhh, suisden de takjes van de den maar geen antwoord, dan maar naar de volgende, die was wel een heel stuk groter en met een enorme stam, die moet zeker wel 100 jaar oud zijn, dacht Barend. Die zal vast wel weten wat ik aan het probleem van Peer de Perenboom zou kunnen doen. Hallo ouwe den, weet jij soms iets van perenbomen? Zzzhhhhuuuu ja, ik denk ‘t wel zei die met een zware dennestem. Er horen geen fruitbomen in het bos, want die hebben juist veel zon nodig en in het bos is bijna alleen maar schaduw. Het beste zou zijn dat Peer gaat verhuizen naar een mooie zonnige boomgaard aan de andere kant van het dorp maar dat zal een behoorlijk zwaar karwei worden.

Zomaar een boom verhuizen is niet niks! Wij dennenbomen zijn hem eigenlijk ook wel een beetje zat, hij klaagt altijd maar dat er geen peren aan zijn takken groeien en z’n takken kreunen soms van eenzaamheid. Wij zelf zijn meestal wel goed gemutst omdat we gewend zijn aan het donkere bos en hebben lang zoveel zon niet nodig als Peer. Vandaar dat we wel eens mopperen op hem. jjjjjjaaa, riepen alle dennen dat issss echt waar! Ik denk trouwens, dat je beter even naar boswachter Bas kunt gaan, die weet een heleboel over het bos en let altijd op ons, zodat de mensen ons niet kunnen vernielen of meenemen.

Barend ging op zoek naar de boswachter v/h grote bos, die woonde, had de dennenboom gezegd in een houten hutje midden in het bos, links van het bosmeer. Hij was gelukkig thuis en Barend vertelde het hele verhaal van de peerloze Peer. De boswachter geloofde z’n oren niet en het was ‘m ook niet opgevallen, dat er nooit peren a/d boom groeiden. Hij heeft altijd gedacht dat ‘t een papaverboom was want die heeft dezelfde soort bladeren. Nu dat je het zegt Barend, herinner ik mij ineens een verhaal van mijn overgrootvader, die vertelde, dat heel vroeger lang vóór zijn tijd, er bosfeeën bestonden die boom zaadjes uitstrooiden in de bossen. Er was in dit bos alleen nog maar een groot bosmeer, je weet wel dat meer hier om de hoek, met veel varens en alle soorten paddestoelen. Maar bomen waren er toen nog eigenlijk niet. In die tijd was het zo, dat alle bosfeeën over de hele wereld zaadjes uitstrooiden om vooral de bomen te laten groeien. Weet je wat er volgens mijn overgrootvader gebeurd is, hij heeft ‘t ook maar van horen zeggen hoor.

De bosfee van dit mooie bos was verliefd geworden op een bosnurk, daardoor is ze helemaal in de war geraakt, want verliefd zijn; tja, dat is vlinders in je buik en dan ben je soms een beetje in de war.Een bosnurk?? zei Barend, wat is dat nou weer? Peren en dennenbomen die praten en nou nog eens een bosfee en een bosnurk. Ik kan ‘t gewoon niet geloven. Een bosnurk zegt boswachter Bas is een fee maar dan eigenlijk meer in een mannetjes uitvoering. En zoals je weet is een bosfee altijd een vrouwtje. Zij hadden elkaar bij het bosmeer ontmoet en zodoende is de bosfee holder de bolder verliefd geworden op het bosnurkje. En daardoor misschien zij oer ongeluk 1 perenboom zaadje tussen het dennenbomenzaad uitgestrooid en zoals je nu begrijpt, hoort Peer dus blijkbaar niet in het bos maar gewoon in de boomgaard, bij alle andere fruitbomen. Ja, maar hoe kunnen we Peer dan helpen, vroeg Barend? Tsja zei Bas de boswachter in de eerste instantie moeten we zorgen dat Peer de zon op zijn takken krijgt, maar hoe? Wacht, zei Barend ik heb een goed idee, als we nou eens alle dennenbomen in korten, dus de toppen eraf, dat scheelt even wat schaduw zeg. Hoezo dat? Vroeg de boswachter, nou zei Barend als je alle toppen eraf zaagt, dan krijgt onze Peer een heleboel zon, want de dennenbomen zijn veel te hoog en pikken alle zon weg van Peer. Hé, wat slim laten we maar gelijk naar de houthakker in het dorp gaan en vragen of hij een grote zaag heeft om de boel af te zagen.

De houthakker vond het een goed plan en zaagde alle toppen van de bomen, behalve die van Peer de Perenboom, die was alleen maar in z’n sas, dat er in ieder geval volgend jaar heel veel mooie en vooral lekkere peren aan zijn takken zullen groeien. De dennenbomen vonden het prima, dat de toppen eraf gingen en zeiden in koor: dan zijn we van dat gezeur van Peer af.

Het jaar daarop, groeiden er wel honderden peren aan de perenboom en zelfs door de hut heen van Barend, die zijn buikje helemaal rond at aan de peren van Peer de perenboom. Zie je nou, de Perenboom hoefde eigenlijk helemaal niet te verhuizen naar de boomgaard, want dat had hij niet overleefd, de wortels van de perenboom zaten zo diep, dat de houthakker ze door had moeten zagen en dat zou ‘t einde zijn van Peer, dan is dit toch een hele mooie oplossing en iedereen was gewoon tevreden en vooral Peer die was kleine Barend erg dankbaar en zei :”je mag voor altijd in mijn boom blijven wonen.”En dat deed Barend ook, totdat hij veel te groot werd en niet meer in de hut paste.

Maar Peer de Perenboom groeide en bloeide nog heel lang en gelukkig.


Ook jij kunt hier je kinderverhalen publiceren, en je illustraties aan kinderverhalen toevoegen.
Hoe meer mensen mee schrijven en tekenen, des te meer kinderen hebben plezier van onze verhalen.
Dus doe mee !!


omhoog    home