www.kinderverhalen.nl, de site voor en door liefhebbers van kinderverhalen

Helderblauwe ogen
door Rianne Wijmenga

De regendruppels trommelen een steeds sneller wordend ritme op het plastic van de paraplu. Shaya rent op de maat naar het metrostation.
Het is maar twee straten van de muziekschool naar het station, maar genoeg om doornat te worden.
Als een jonge hond schudt Shaya in de portiek dikke druppels uit haar haar en van haar kleding. Ze wappert haar gele plu zo goed mogelijk droog en stevent naar binnen.
Nog drie minuten. Voor de draaihekjes blijft ze staan om haar pasje uit haar binnenzak op te diepen. Waar is dat ding nou toch?
Na een paar paniekerige seconden voelt ze het koude plastic kaartje tussen haar vingers. Ze trekt het tevoorschijn en schuift het in de automaat. Na de bekende piep klapt ze het deurtje om en haalt haar pasje aan de andere kant weer uit de kast.
Nu nog twee minuten om op perron 5 te komen. Shaya zet er flink de pas in, maar omdat overal plasjes door passagiers binnengebracht regenwater liggen, moet ze oppassen niet uit te glijden.
Om op perron 5 te komen moet ze eerst nummer 3 helemaal over en dan een smalle gang door. Als Shaya over perron 3 loopt, bekruipt haar een onaangenaam gevoel. Eventjes blijft ze staan en kijkt ze per ongeluk recht in een paar helderblauwe ogen. Shaya rilt. Wat is er toch met haar? Waarom heeft ze dit gevoel? Of zou het aan dat meisje liggen? Het jonge kind aan wie de ogen toebehoren glimlacht en keert zich dan om, om verder te gaan met huppelen.
Shaya draait zich om en wil verder lopen. Plotseling dendert er een metro over haar netvlies. Een gil doet haar oren suizen. Het begint haar te duizelen en ze zakt door haar knieën. Een jonge vrouw schiet op haar toe en helpt haar overeind. “Gaat het?”
“Ja. Ja hoor,” mompelt Shaya. Ze maakt zich uit de greep van de vrouw en loopt door. Nog een keer kijkt ze naar het meisje. Een steek schiet door haar hoofd, als een vlieg die uit een bol wil ontsnappen maar steeds tegen de muur botst. Ze grijpt naar haar hoofd en de jongen vrouw staat meteen weer achter haar. “Weet je het zeker?”
Shaya knikt en loopt door.
De wereld lijkt te golven voor haar ogen, maar zonder ongelukken weet ze perron 3 over te steken. Nog een minuutje voor haar metro aankomt. Shaya wil het gangetje naar perron 5 inlopen, maar een onzichtbare kracht lijkt haat tegen te houden. Het is alsof ze tegen een onzichtbare muur botst.
“Au!” Shaya wrijft over haar pijnlijke voorhoofd. Ze kijkt snel achterom of de jonge vrouw er al weer aan komt, maar dat is niet het geval. Iedereen staat vol ongeduld op de metro te wachten, die in de verte al te horen is.
Na een hele grote hap lucht loopt Shaya door. Zonder problemen komt ze de gang door, maar een kindergil gonst in haar oren.
Net als ze perron 5 op loopt, komt de metro tot stilstand. Shaya trekt een sprintje en springt de metro in. Achter haar sluiten de deuren en de metro komt in beweging.
Dan klinkt opeens een kreet. De schreeuw gaat door merg en been en bezorgt iedereen die ‘m hoort kippenvel. Het wordt zwart voor Shaya’s oren en ze stort in elkaar.
Als ze bijkomt wappert een oude man haar wat lucht toe met een opgerolde krant. “Gaat het wat, meiske?”
Shaya krabbelt overeind. “Wat is er gebeurd?”
“Je viel flauw,” begint de man, maar Shaya schudt haar hoofd.
“Buiten. Die gil...”
“Oh. Dat… Dat weten we niet. De gil weerklonk, jij viel flauw en de metro stond plotseling stil. Dat is wat er gebeurde en wat wij weten.”
Shaya knikt en laat zich op een bankje helpen. Overal om haar ziet ze gespannen gezichten. Het is nog nooit gebeurd dat de metro zomaar stilstond. Er moet wel echt iets aan de hand zijn...
Dan flitst het meisje weer voor Shaya’s ogen langs. Voor haar ogen spat het beeld van het meisje uit elkaar. “Nee... Nee, dat kan niet. Dat wil ik niet!” Ze schiet overeind en slaat tegen de dichte deuren. “Laat me eruit! Dit kan niet waar zijn!”
Een vrouw laat haar dochtertje even alleen en grijpt Shaya bij de schouders. Maar Shaya verzet zich woest.
"Laat me los, ik moet eruit. Ik moet er naar toe. Helpen…" Maar dan realiseert ze zich dat, als ze gelijk heet, er niets meer te helpen valt.
De vrouw duwt haar zachtjes terug op het bankje. Op haar knieën gaat zo voor het meisje zitten. “Wat is er?”
“Ze is dood,” hikt Shaya. Tranen lopen over haar wangen. “En ik had het kunnen voorkomen. Ik wist het en heb niets gedaan.”
Verward kijkt de vrouw omhoog naar de oude man, die erbij is komen staan met zijn krantje onder de arm. Hij haalt zijn schouders op.
Anderhalf uur later worden de passagiers uit de metro bevrijd. Er was een ongeluk gebeurd, vertelde een agent, en de bestuurder had alle stroom eraf gegooid. De hele binnenstad had korte platgelegen.
“Zijn er slachtoffers gevallen?”
Shaya dringt zich naar voren en kijkt de man vragend aan. “Hoe is het met het meisje?”
“Hoe weet jij...” Verbaasd krabt hij aan zijn neus.
“Het meisje,” dringt Shaya aan.
“Ze is dood.”
Het had net zo goed nog winter kunnen zijn in plaats van lente. Als Shaya naar huis loopt, danst een ijskoude wind door haar kleren.
De agent had bevestigd wat zij al wist. Het meisje was onder de metro gekomen. Per ongeluk was ze te ver naar de rand gehinkeld en zo de rail op gestruikeld. Net toen de metro eraan kwam.
Shaya zucht heel diep. Je kon er niets aan doen. Jij wist het niet. Het is een ongeluk. Dit soort dingen gebeuren nou eenmaal.
Maar in haar achterhoofd zit een irritant stemmetje, dat haar berispt. “Je wist het best. Je wist het zelfs heel goed! Je had het kunnen voorkomen. Jij! Jij en jij alleen.”
Shaya duwt haar handen tegen haar oren en rent naar huis.

Daar zakt ze op het stoepje voor de deur als ze ontdekt dat ze haar sleutels vergeten heeft. Ach, dat kan er nog wel bij.
Shaya veegt een verdwaalde traan uit haar ooghoek, als er een agent voor het tuinhekje verschijnt.
"Weet je het al?" vraagt hij, zijn wenkbrauwen fronsend om haar tranen.
"Ja, ze is dood. Onder een metro gekomen," hakkelt Shaya.
De agent schudt zijn hoofd. "Ik kom voor iets anders. Kunnen we even naar binnen?"
"Mijn ouders komen vast zo thuis. Ik heb geen sleutel bij me," verontschuldigt Shaya zich.
"Dan maar hier," schokschoudert de agent. "Jij ben Shaya Wieders, toch?" Shaya knikt en dan vervolgt de agent: "Ik heb een droevige mededeling voor je. Je moeder en je broertje Tygo zijn bij een auto-ongeluk om het leven gekomen. Je vader ligt zwaar gewond in het ziekenhuis."
"Ach ja, dat moest er ook nog bij," reageert Shaya laconiek. Dan schiet ze overeind. "Wat? Wat? Nee! Dat is niet waar. Zeg dat het niet waar is." Ze slaat de agent op zijn borst. "Hoe durf je het zo'n gemene grap met me uit te halen!" gilt ze. Dan verliest ze al haar kracht en begint te huilen. De agent probeert haar te troosten, maar ze duwt hem ruw weg met hervonden kracht en rent de straat op.
"Wacht!" roept de agent haar na, maar Shaya reageert niet. Ze rent door over de straat. Een passerende auto mist haar op een haar na.
Shaya vliegt de straat uit, terug naar de stad. Huilend strompelt ze door de verregende straten.

Uiteindelijk komt ze bij het metrostation aan. Daar waar alles begon, twee uur geleden.
Was alles nou haar schuld? Waren haar ouders en broertje blijven leven als zijn het meisje had gered? Allerlei gedachten rollen over elkaar in Shaya's hoofd. Ze kan er niet meer wijs uit worden.
Zonder er bij na te denken gaat ze naar perron 3. Ze mag er niet op, het is afgesperd. De politie is bezig met een sporenonderzoek.
Er is een klein stukje afgeschermd om te lopen, zodat de mensen toch nog op perron 5 kunnen komen. Shaya loopt langs het plastic en laat zich op een bankje in een hoek vallen. Daar zakt ze weg in een soort roes.
Een zacht schudden brengt Shaya weer op de bewoonde wereld.
"Hé, alles O.K.?"
Langzaam opent Shaya haar ogen en kijkt recht in een paar helder blauwe ogen. Waar heeft ze die vandaag eerder gezien?
"Hallo? Hoe gaat het?"
De jongen die aan Shaya staat te schudden wappert met zijn hand voor haar ogen om haar aandacht te trekken.
"Ben jij dat meisje dat onder de metro gekomen is?" murmelt Shaya, als ze zich bedenkt waar ze de ogen gezien heeft. Dan realiseert ze zich dat ze een jongen voor zich heeft. "Oh, sorry. Ik bedoel: haar broer?"
De jongen lacht kort en fel, dan betrekt zijn gezicht. "Zoiets," zegt hij mysterieus.
Shaya schiet overeind. "Het spijt me, ik kon er niets aan doen?"
De jongen fronst zijn wenkbrauwen. "Het was een ongeluk. Dat weet jij net zo goed als ik. Toch?"
Shaya knijpt haar handen samen tot vuisten en haalt diep adem. "Het was een ongeluk," herhaalt ze, vooral voor haarzelf.
"Net als dat van je ouders en je broertje."
Shaya schrikt. Hoe kan hij dat weten? "Wat weet jij over mijn ouders en Tygo?"
"Dat doet er nu niet toe. Maar als jij één kleine handeling had uitgevoerd, zou alles nu anders zijn."
"Wat dan?" Shaya schiet overeind. "Welke handeling? Kan dat nog?"
"Ja, welke… En of dat nu nog kan… Ik weet het niet. Laten we het uitproberen," lacht de jongen geheimzinnig. Hij buigt zich naar haar toe en kust haar zacht op haar lippen.
Plotseling vervaagt alles om haar. Een groot licht straalt om Shaya heen en een frisse geur prikkelt haar neus. Het lijkt alsof een lentewind het perron opgedarteld komt en Shaya in zijn spel meetrekt.
"Vermijd de Koningslaan!" hoort ze de jongen nog zeggen.
"Dag…," mompelt ze tegen de jongen. "Tot later… Misschien…"

De regendruppels trommelen een steeds sneller wordend ritme op het plastic van de paraplu. Shaya rent op de maat naar het metrostation.
Het is maar twee straten van de muziekschool naar het station, maar genoeg om doornat te worden.
Als een jonge hond schudt Shaya in de portiek dikke druppels uit haar haar en van haar kleding. Ze wappert haar gele plu zo goed mogelijk droog en stevent naar binnen.
Nog drie minuten. Voor de draaihekjes blijft ze staan om haar pasje uit haar binnenzak op te diepen. Waar is dat ding nou toch?
Na een paar paniekerige seconden voelt ze het koude plastic kaartje tussen haar vingers. Ze trekt het tevoorschijn en schuift het in de automaat. Na de bekende piep klapt ze het deurtje om en haalt haar pasje aan de andere kant weer uit de kast.
Nu nog twee minuten om op perron 5 te komen. Shaya zet er flink de pas in, maar omdat overal plasjes door passagiers binnengebracht regenwater liggen, moet ze oppassen niet uit te glijden.
Om op perron 5 te komen moet ze eerst nummer 3 helemaal over en dan een smalle gang door. Als Shaya over perron 3 loopt, bekruipt haar een onaangenaam gevoel. Eventjes blijft ze staan en kijkt ze per ongeluk recht in een paar helderblauwe ogen. Shaya rilt. Wat is er toch met haar? Waarom heeft ze dit gevoel? Of zou het aan dat meisje liggen? Het jonge kind aan wie de ogen toebehoren glimlacht en keert zich dan om, om verder te gaan met huppelen.
Shaya draait zich om en wil verder lopen. Plotseling dendert er een metro over haar netvlies. Een gil doet haar oren suizen. Het begint haar te duizelen en ze zakt door haar knieën. Een jonge vrouw schiet op haar toe en helpt haar overeind. “Gaat het?”
“Ja. Ja hoor,” mompelt Shaya. Ze maakt zich uit de greep van de vrouw en loopt door. Nog een keer kijkt ze naar het meisje. Een steek schiet door haar hoofd, als een vlieg die uit een bol wil ontsnappen maar steeds tegen de muur botst. Ze grijpt naar haar hoofd en de jongen vrouw staat meteen weer achter haar. “Weet je het zeker?”
Shaya knikt en loopt door. Ze stevent recht op het meisje af.
"Hallo, hoe gaat het met jou?" vraagt ze vriendelijk.
Het meisje glimlacht breed. "Goed, hoor! Ik ga met mamma naar oma. Die is jarig vandaag."
"Wat leuk. Heb je een cadeautje mee?"
"Ja, Ik heb op school een hele mooie tekening gemaakt."
Dan komt de metro vanuit de donkere gang aangereden. Het meisje draait zich vrolijk om: "De metro is er, mam!" roept ze. Maar in de draai verliest ze haar evenwicht.
Zonder na te denken grijpt Shaya het meisje bij beide armen en trekt haar met een ruk naar zich toe. Ze verliest zelf ook haar evenwicht, maar de andere kant uit. Ze komt op haar billen terecht en heeft het meisje veilig in haar armen.
De metro stopt. De moeder van het meisje werpt Shaya een wantrouwige blik toe als ze het meisje bij de hand neemt. Ze heeft niet gezien wat er gebeurd is en trekt het meisje snel mee, weg bij Shaya. Samen stappen ze de metro is, die dan weer vertrekt.
Nog heel even ziet Shaya een zwaaiend handje, dan is het voorbij.
Shaya staat op. Ze rent het smalle gangetje door en is nog net op tijd voor haar ondergrondse. Ze suist naar haar 'eigen' station en rent het laatste stukje naar huis.
"Mam!"
"Shaya!" Moeder staat in de tuin met de viool van Tygo. "We stonden op het punt om weg te gaan."
"Mooi. Ik ga mee." Shaya gooit haar tas door de geopende deur naar binnen.
Met z'n vieren vertrekken ze naar Tygo's muziekconcours.
Twee uur later zitten ze weer in de auto, op weg naar huis. De prijsuitreiking is pas later, dus gaan ze thuis eerst even wat eten.
"Het was prachtig, hoor Tygo," zegt moeder.
Tygo glimlacht breed en streelt zijn viool.
"Je bent best goed, hoor broertje," zegt Shaya. Haar broertje heeft echt een talent op dit gebied. Wat dromerig staart ze naar buiten. Plotseling valt haar oog op het straatnaambordje.
"Vermijd de Koningslaan!" hoort ze de stem van de jongen in haar hoofd.
Ze schiet overeind en houdt alles om hen heen nauwgezet in echt oog. Dan ziet ze een vrachtwagen, die met en redelijke snelheid door een zijstraat rijdt.
"Pappa! Pas op! Remmen!" gilt Shaya.
Geschrokken trapt haar vader op de rem en piepend komt de auto tot stilstand.
"Shaya…" Vader wil zich omdraaien, als de vrachtwagen tegen de voorbumper van de auto stoot. De vrachtwagen stoomt door, de kleine personenauto tolt tweemaal om zijn as en komt dan tot stilstand tegen een tuinhekje.
Alle vier de leden van het gezin halen een keer heel diep adem en stappen uit.
"Dat was op het nippertje," verzucht vader.
"Dankzij Shaya," mompelt moeder, terwijl ze haar slapen masseert.
De eigenaren van het huis waarbij het tuinhekje hoort komen naar buiten en raken aan de praat met vader en moeder.
Tygo neemt de schade op aan zijn vioolkist, die tijdens het draaien tegen het portier geslagen is.
Shaya leunt tegen de autodeur. Hoe wist ze dit toch?
"Het is je gelukt!" klinkt opeens een enthousiaste stem en Shaya kijkt in een paar helderblauwe ogen. De jongen komt haar vaag bekend voor, maar ze kan hem niet plaatsen.
"Wat is me gelukt?"
De jongen glimlacht en schudt zijn hoofd. "Laat maar. Het is zo goed." Dan draait hij zich om en loopt weg.
"Wie ben je?" roept Shaya hem achterna.
Nog even draait hij zich om: "Hou het maar op een beschermengel…" Dan lacht hij vrolijk en loopt verder, terwijl hij langzaam vervaagt.


Je kunt je reactie op het verhaal direct naar Rianne sturen: rcwijmenga@zonnet.nl

Ook jij kunt hier je kinderverhalen publiceren, en je illustraties aan kinderverhalen toevoegen.
Hoe meer mensen mee schrijven en tekenen, des te meer kinderen hebben plezier van onze verhalen.
Dus doe mee !!


omhoog    home