www. kinderverhalen. nl, de site voor en door liefhebbers van kinderverhalen
De vijf meiden - Met de trein
door Karien Meuleman, 13 jaar

Ellemijn deed haar ogen open. " Waar was ze ook al weer? O,ja in de tent bij Iris. " Ze keek naar de anderen die nog diep in slaap waren. Zachtjes ging ze uit haar slaapzak en kroop naar de voorkant van de tent. Voorzichtig deed ze de rits een klein stukje open. " Gelukkig, het is mooi weer. " Ze kroop weer terug in haar slaapzak en keek op haar horloge. " Negen uur, eigenlijk veel te zonde om in bed te blijven. " Ze schudde de anderen heen en weer. " Wakker worden!" riep ze. Geschrokken kwamen de meiden overeind. " Is er brand of zo, jemig wat kan jij schreeuwen," zei Laura. " Nee, maar het is veel te mooi weer om te blijven slapen. " De meiden kropen uit hun slaapzak en deden hun kleren aan. Even later zaten ze voor de tent aan het ontbijt dat de moeder van Iris klaar had gezet. " Wat zullen we straks gaan doen?" vroeg Marieke. " Ik weet niet. " "Ik weet misschien wel wat, maar ik weet niet of jullie dat wel leuk vinden," zei Iris. " Wat dan?, vertel. " "Nou, mijn oom woont ergens buitenaf op een boerderij, en daar heeft die heel veel paarden, waarmee hij ook les geeft. En nu had hij pas geleden gezegd dat ik met een paar vriendinnen of alleen wel eens mocht komen kijken, en nu dacht ik, misschien vinden jullie dat wel leuk, en dan kunnen we daar vandaag heen. " "Wauw, kunnen we naar zo'n echte paarden. . eh. . paarden dinges. "

"Naar een echte paardenboerderij zul je bedoelen. " "Nou, ik vind het wel een goed idee," zei Marieke. " En jullie dan?" De andere twee knikten ook. " Ik moet het dan nog wel effe vragen hoor," zei Iris. De meiden aten snel hun boterham op en liepen toen de keuken binnen. De moeder van Iris zat aan de keukentafel te lezen. " Hoi mam!"

Haar moeder keek op. " O, hoi dames, lekker geslapen?" "Ja hoor mam. Maar effe wat anders, wij hadden al iets leuks bedacht voor vandaag. " "Wat dan?" "Nou wij hadden bedacht om vandaag naar oom Maarten en tante Maaike te gaan. " "Ja, dat is wel een goed idee, maar dan moet je even oom Maarten opbellen om te vragen of het goed is. " Iris had de hoorn al in haar handen en draaide het telefoon nummer van haar oom en tante. Hij ging een paar keer over maar toen hoorde ze de stem van haar oom. " Hoi, met Iris!" "Hé meid, wat leuk om je te horen, waar bel je voor?" "Ik wou je vragen of ik samen met drie vriendinnen vandaag mag komen. " "O, maar natuurlijk kind. Wanneer zie ik je dan?" "Eh. . om elf uur kunnen we er denk ik wel zijn. " "Mooi kind, tot straks!" "Doei! …. Het mag!" juichte ze. " Er is alleen nog een ding," merkte moeder op. " Wat dan mam?" "Ik kan jullie niet met de auto brengen, dus als jullie willen mogen jullie met de trein. " Nou dat wouden ze maar al te graag. De vier meiden dansten als Indianen door de keuken. " Ik snap dat jullie dat leuk vinden, maar dat jullie in Indianen veranderen dat snap ik niet," zei moeder lachend. " Ik zou trouwens als ik jullie was maar even oude kleren aan doen. Hebben jullie die bij je?" "Eh, nee mevrouw. " "Nou dan doen jullie toch wat van Iris aan. " De meiden gingen naar boven om de kleren aan te doen, terwijl de moeder van Iris wat snoep en drinken in een tas deed. Even later kwamen de kinderen in oude kleren de trap af en de keuken binnen. " Hé mams, wat heb je in die tas gedaan?" "Wat te eten en drinken voor onderweg, want jullie moeten toch wel een uurtje rijden. " "Cool, ik ben nog nooit zover zonder ouders met de trein geweest," zei Laura. Ze trokken hun jas aan pakten de tas zeiden de moeder van Iris gedag en liepen naar buiten. " Iris!" Wat was er nou dan weer. " Ja mam?" "Je moet nog wat geld meenemen voor de kaartjes. " "O ja, stom dat ze daar zelf niet aan gedacht had. " Ze liep weer naar binnen waar haar moeder de portemonnee pakte. Zij haalde er een briefje van vijfentwintig gulden uit, deed dat in de portemonnee van Iris en gaf die aan Iris. " Wel voorzichtig mee zijn hoor en niet verliezen. " "Nee mam. " Ze gaf haar moeder nog snel even een kus en toen liep ze gauw naar de drie anderen. " Hoe ver is het eigenlijk lopen?" vroeg Ellemijn. " O, niet zo lang, ongeveer vijf minuutjes. " En dat klopte want na een minuut of vijf kwamen ze op het perron aan. " Gelukkig, om tien uur gaat er een trein, hoe laat is het nu?" vroeg Laura. Ellemijn keek op haar horloge. " Vijf voor tien. " "O, dan moeten we nu snel kaartjes kopen en naar de baan gaan waar de trein komt. " Ze zagen een loket waar je kaartjes kon kopen en ze liepen er heen. " Vier kaartjes naar Alphen aan de Rijn graag. " De mevrouw scheurde vier kaartjes af. Iris betaalde de kaartjes en ze liepen naar perron 8. " Hé, kijk daar komt de trein al aan. " Marieke wees naar een trein die hun kant op kwam. Met piepende remmen stopte de trein. De deuren gingen open en ze konden naar binnen. " 'Zullen we daar achteraan gaan zitten," stelde Iris voor. De andere meiden vonden het best en ze liepen naar de achterkant van de trein. Toen ze daar zaten kwam de conducteur hun kant op. " Kaartjes alstublieft. " Iris graaide in haar zak maar vond ze niet. Ze keek benauwd naar de conducteur die nog steeds zijn hand op hield. " Toe nou," zei Laura. " Ik. . ik, kan ze niet vinden," zei Iris met een klein stemmetje. " Ik ga wel eerst naar die andere mensen, maar als ik straks terug kom en de kaartjes zijn er nog niet dan zet ik jullie persoonlijk uit de trein," zei de conducteur bars. Hij liep met grote passen weg. " Waar heb je ze dan in gedaan?" vroeg Marieke. " Ik weet het niet meer, maar volgens mij in mijn jaszak. " Ze deed haar jas uit en voelde in haar zakken maar vond niks. " O, shit! Straks komt de conducteur er weer aan en dan worden we er uit gezet," zei Iris. " Voel nou nog eens goed in je zaken. " "Dat heb ik gedaan maar daar zitten ze niet in. " Ze keken in de tas, de andere meiden voelden ook in hun zakken maar vonden niks. " O, daar komt de conducteur al weer aan. " "En?" vroeg hij aan de meiden. " We kunnen ze niet vinden meneer. " "Dan stappen jullie maar uit. " Hij deed de deur van de trein open en duwde ze een voor een naar buiten. De meiden bleven moedeloos op het perron achter. " Nou kunnen we niks meer, want ik heb nog maar heel weinig geld en het is nu allemaal mijn schuld," snikte Iris. " Ach, dat is niet helemaal waar, het is ook een beetje onze schuld. " "Heb jij eigenlijk ook een binnenzak?" vroeg Marieke aan Iris. " Ja, hoezo?" "Nou, heb jij ze niet toevallig daar in gedaan?" Iris graaide in haar zak en haalde daar vier kaartjes uit. " Yes, we hebben ze weer terug!" riep Iris opgelucht. Snel renden ze weer naar de trein die daar nog steeds stond, om een of andere reden. De deuren waren nog open en snel liepen ze naar binnen naar de conducteur. " Wat doen jullie nu weer hier, ik had jullie er toch uitgezet?"

"Ja maar meneer we hebben ze weer gevonden. " "Zo, was dat daarnet dan een grapje?" "Nee meneer we waren ze echt kwijt. " Gauw haalde Iris de kaartjes te voorschijn. " Nou vooruit, voor deze keer mogen jullie nog mee, maar de volgende keer is het helaas pindakaas. " "Oké meneer. " De conducteur pakte de kaartjes en knipte ze af. " Ga nou maar gauw ergens zitten dan kunnen we gaan. " Haastig zochten de meiden een plekje en toen ging de trein rijden. Eerst zagen ze nog een paar huizen en fabrieken maar na een tijdje zagen ze alleen nog maar bossen en weilanden waar een paar koeien in rondliepen. Ze hadden alle vier een pakje drinken in hun hand. " Hoelang zouden we nou eigenlijk al onderweg zijn?" vroeg een van de meiden zich af. " Ongeveer drie kwartier," zei Ellemijn. Ik had namelijk effe op mijn horloge gekeken toen we hier gingen zitten, en nu is het drie kwartier later. " De meiden pakten wat snoepjes en aten ze op. Opeens hoorde ze een lange piep, en daarna schalde er door de trein: "Mensen voor Alphen aan de Rijn bij het volgende station uitstappen!" "O, wij moeten er zo uit. " De meiden deden hun spullen weer in de tas en bleven wachten tot de trein stopte. Ze zagen dat er heel wat meer mensen de trein uit gingen. Buiten op het perron zag Iris haar oom. " Hé daar is oom Maarten!" Ze keken in de richting waar Iris wees en zagen een man van een jaar of 35 hun kant op lopen. " Hoi oom Maarten!" riep Iris vrolijk.

De man gaf Iris een dikke zoen op haar wang. " Hoi meid, ik ben blij je weer te zien. " De andere meiden stonden er een beetje verlegen bij. " Zo, zijn jullie de vriendinnen van mijn nichtje?" "Ja meneer. " "Zeg maar gewoon oom Maarten hoor dat vind ik wel zo gezellig klinken. Hoe heten jullie eigenlijk?" "Ik heet Laura. " "Ik heet Marieke. " "En ik heet Ellemijn. " "Dat zijn mooie namen, maar mis ik eigenlijk niet iemand?" De meiden keken hem niet begrijpend aan. " Nou kijk, Iris had het altijd over vier meiden. " "O, dat klopt, Kathelijn is gisteren van de trap af gekukeld en heeft nu heel last van haar hoofd. " "Oei, dat is niet zo mooi. Kom dan gaan we met de auto naar onze boerderij. " Ze liepen door de drukte heen naar de plek waar de auto stond. " Hoe wist je eigenlijk dat we met deze trein kwamen oom?"

"Nou, je moeder belde toen jullie net weg waren, en ze zei dat jullie waarschijnlijk met deze trein zouden komen, dus pakte ik om kwart voor elf de auto en reed hier heen. " "O, ja. " In de auto vroegen de meiden honderd uit over de boerderij, waarop oom Maarten altijd een antwoord had. " Hoeveel paarden heeft u?" "Eh, een stuk of twintig denk ik. Zeg trouwens maar jij hoor. " Ze waren bij een zandweg aangekomen en toen ze die helemaal uitreden kwamen ze bij een mooie boerderij, met een stuk of vier weilanden erbij waar een paar paarden stonden. " Wat een cool huis zeg, en dan al die paarden!" De meiden stapten de auto uit en keken om zich heen. Een mevrouw kwam het huis uitlopen en liep naar de meiden toe. " Hallo!" Ze gaf Iris een zoen op haar wang. " Ik ben blij je weer te zien. Zo, jullie zijn de vriendinnen van Iris?" "Ja mevrouw," zeiden de meiden beleefd. " Zeg maar Maaike hoor, dat klinkt wel zo gezellig vinden jullie niet?" "Oom Maarten zei al precies hetzelfde," merkte Iris op. " Nou, Iris ik dacht dat je altijd een beetje overdreef," gaf Laura toe, "maar je hebt werkelijk niets teveel gezegd. Het is hier waanzinnig, ik zou er alleen al uren naar kunnen kijken. "

"Nou meiden, jullie mogen hier de hele dag rondlopen, en trouwens als jullie het leuk vinden wil ik jullie ook wel een klein beetje paardrijles geven," beloofde oom Maarten. " Zou je dat echt willen doen oom?" "Maar natuurlijk, jullie komen niet zo heel vaak, dus moeten we er vandaag ook iets leuks van maken. " De ogen van de meiden glommen. " Laten we eerst binnen even wat drinken, dan kan oom Maarten jullie daarna wel paardrijles geven, want jullie zullen wel dorst hebben," zei tante Maaike. De meiden liepen achter Maaike en oom Maarten aan naar binnen. Ook daar keken ze hun ogen uit. Alles zag er ook zo mooi uit. Ze liepen een deur door en kwamen in de huiskamer. " Ga maar ergens zitten," zei oom Maarten. De meiden ploften met zijn vieren op de bank. " Is dat niet een beetje te krap?" vroeg tante Maaike bedenkelijk. " Nee hoor tante," zei Iris vrolijk. Oom Maarten ging in een stoel zitten. " Wat willen jullie drinken?" vroeg Tante Maaike. " Heb je cola?" vroeg Iris. " Ja hoor. " "O, doe mij dan maar cola. Willen jullie dat ook?" De meiden knikten. Tante Maaike ging naar de keuken. " Gezellig dat jullie er zijn meiden. Nu onze twee zonen het huis uit zijn is het nogal stil. " Toen ging de telefoon. Oom Maarten stond op uit zijn stoel en liep naar de gang om de telefoon op te pakken. " Met Maarten Hogeveen. " "Hoi Maarten met Simone. " "Hoi! wil je je dochter spreken?" "Graag. " "Iris! Voor jou. " Iris stond traag op en liep naar de gang. Dat zou haar moeder wel zijn die wou vragen of ze goed aan gekomen waren. " Is het mijn moeder?" fluisterde Iris. Oom Maarten knikte. " Hoi mam!" "Ha Iris. Ben je goed aangekomen?" "Ja mam. " "Mooi zo, ik had ook eigenlijk niks anders verwacht. Hé, eh. . de directeur van jullie school belde. Jullie hebben morgen vrij, omdat het scholendag is. Hij was vergeten om dat in de schoolkrant te zetten, dus nu moet hij iedereen opbellen. " "O, maar daar hoef je toch niet over te bellen?" "Nee maar nu dacht ik, misschien hebben jullie wel zin om bij oom Maarten en tante Maaike te logeren tot morgen. " "O, gaaf! Wacht effe hoor dan ga ik even vragen of de anderen het ook willen. " Iris legde de hoorn op tafel en liep weer de kamer in. " Dat is mijn moeder. We hebben morgen vrij en nu mogen we tot morgen bij oom Maarten en tante Maaike logeren als jullie dat willen!!" De andere meiden vonden het ook een 'vet cool plan', zoals Laura zei. Iris rende weer naar de telefoon. " Doen we mam!" "Mooi, ik zal vragen of ik de auto van Ellemijns moeder mag lenen, en dan breng ik jullie slaapspullen wel even. De ouders van je vriendinnen vinden het ook goed, ik heb ze namelijk eerst even opgebeld. " "Oké, doei tot zo!" "Doei. " Iris legde de hoorn op de haak en liep weer naar de kamer. In de kamer bleef ze opeens staan. " Wat is er Iris?" vroeg oom Maarten. " Komt het jullie eigenlijk wel uit?" vroeg ze aan oom. " Ja, hoor. Toen ik jou riep hadden je moeder en ik het nog snel even besproken. " "O, dan is het goed. Maar mag het wel van tante Maaike?"

"Ja, toen jij aan de telefoon was heb ik het met Maaike besproken. " Iris liep weer naar de bank, gelukkig dat het kon. Tante Maaike kwam de kamer binnen, met een dienblad met daarop, vier glazen cola voor de meiden, twee kopjes thee voor haar en oom Maarten en de koekjestrommel. " Zo, heb ik het goed begrepen dat jullie tot morgen blijven?" "Ja tante. " "Dat is gezellig, maar dan moet ik nog wel even de logeerkamer in orde maken, want ik ga er vanuit dat jullie bij elkaar op een kamer willen slapen, of niet?" "Ja, natuurlijk dat is veel gezelliger. " "Nou als jullie zo gaan paardrijden, dan zal ik de kamer wel gaan inrichten. Wat willen jullie vanavond eigenlijk eten?" "Ik weet misschien wel iets," zei oom Maarten geheimzinnig. " Wat dan oom, vertel!" "Nee, dat zeg ik niet, maar ik weet zeker dat jullie het wel lusten, ik zal zo even met Maaike overleggen. " De meiden dronken hun glas leeg en aten hun koekje op. " Gaan we nu zo paardrijden?" "We kunnen denk ik eerst beter even wachten totdat Iris' moeder er is. " "Oké, mag ik ze dan effe een rondleiding geven?" vroeg Iris. " Ja, hoor ga je gang, maar blijf wel een beetje in de buurt hè?" "Zullen we doen, komen jullie?" De meiden liepen naar buiten. " Kijk, zien jullie dat stukje bos daar?" Ja, dat zagen de meiden wel. " Daar heb ik met mijn nicht een keer een hut gebouwd, willen jullie die zien?" "Oké. " Ze liepen door een weiland waar een aantal paarden stonden. Nieuwsgierig kwamen er een paar paarden op hun aflopen. " Kijk die daar is mijn lievelingspaard. " De meiden keken in de richting waar Iris wees. Ze zagen een mooi lichtbruin paard wat stond te grazen. " Kent ie jou goed?" "Ja, ik heb ook al een paar keer op hem gereden, en als ik hem roep komt hij meestal wel. " "Roep hem is dan?" Iris blies een keer op haar vingers en riep daarna: "Bles kom eens!" Het paard spitste zijn oren en keek om zich heen. Nog een keer riep Iris: "Bles kom eens!" En ja hoor daar kwam het paard in draf al aan, regelrecht naar Iris. Voor Iris stopte hij en hinnikte zacht. " Hoi paardje van me, heb je me nog een beetje gemist?" Ze aaide het paard over zijn hoofd. Die liet het gewillig toe. De andere meiden aaiden het paard nu ook. Na een tijdje hoorden ze voetstappen achter zich. " Zo hebben die twee elkaar ook weer gevonden?" vroeg oom Maarten lachend. De meiden draaiden zich om. " Als die elkaar gevonden hebben, zijn ze niet meer van elkaar weg te slaan, ja ik waarschuw jullie maar vast. " "Ach, dat valt nog best wel mee," zei Iris grinnikend, "maar mag ik straks wel op haar rijden?" "Ja hoor, maar je moeder is er. " "Nu al, dat heeft ze dan snel gedaan. " De meiden namen afscheid van het paard en liepen met oom Maarten naar het huis terug waar de moeder van Iris stond te kletsen met Maaike. " Hoi mam!" riep Iris. " Hoi meiden, ik heb de spullen bij me. " "Dat heb je dan snel gedaan. " "Klopt, maar als jullie nou even helpen de spullen naar binnen te brengen. " De meiden deden de auto open en pakten allemaal een tas, kussens of dekbedden. Ze legden de spullen in de gang neer. " Nou dan ga ik maar weer, want ik heb gehoord dat jullie zo paardrijles krijgen. " "Dat klopt," zei Iris, "en ik mag weer op Bles. " Iris gaf haar moeder een kus. " Dag mam, en tot morgen!"

"Ja doei. En ik kom jullie morgen tegen een uur of twee wel ophalen. " "Oké Doei!" Met zijn zessen zwaaiden ze de moeder van Iris uit tot ze haar niet meer konden zien. " Gaan we nu paardrijden?" vroeg Ellemijn. " Ja, maar hebben jullie wel oude kleren aan?" "Ja hoor, thuis hebben we alle vier al oude kleren aan gedaan. " "Kom dan maar mee, ik heb nog heel wat paardrijlaarzen, daar zijn er vast wel wat bij die jullie passen. " Ze liepen met oom Maarten mee naar een schuur waar allemaal laarzen, zadels, caps en borstels (om de paarden te borstelen) lagen. " Zoeken jullie maar een paar laarzen uit die jullie passen. " De meiden pasten en pasten, en even later kwamen ze weer naar buiten met laarzen aan en een cap op. " Goed zo," prees oom Maarten. " In die wei daar staan de paarden waar jullie op kunnen rijden. Loop het weiland maar in en loop naar een paard dat jou het leukst lijkt en aai hem een beetje. Jullie krijgen ook allemaal even een zakje met suikerklontjes. Geef ze er één of twee, niet meer want dat is niet goed voor ze. Dit moet je doen om een beetje vriendschap te sluiten. ' De meiden liepen de wei in naar een paard dat ze het leukst vonden. Iris liep regelrecht op Bles af. Ze gaf hem een suikerklontje en aaide hem over zijn hoofd. " Pak hem nu bij zijn manen, en trek hem zachtjes mee. Niet te hard, want dan doe je ze pijn. " Iris pakte Bles vast en nam hem mee in de richting van haar oom. Bles liep gewillig mee. Toen ze met de paarden bij oom Maarten waren kregen ze allemaal een zadel. " Leg die nu voorzichtig op hun rug. " Oom Maarten ging bij alle vier even de zadelriem vastmaken. Hij deed de paarden ook een halster om. " Pak hem nu bij de halster en neem hem mee naar dat lege weiland daar. " Oom Maarten wees naar een weiland dat zo'n tien meter verder lag. Hij zelf liep er achter aan. In het weiland moesten ze ongeveer vier meter uit elkaar staan zodat ze elkaar niet in de weg liepen. " Nu gaan we eerst leren op- en afstijgen. " Hij deed het even voor bij een van de paarden en toen mochten ze het zelf proberen. " Ga eerst allemaal maar opstijgen, dan loop ik intussen even langs om te helpen. " Na een paar keer op- en afstijgen hadden ze het al aardig onder de knie. " Laten we nu maar eens gaan rijden in stap. Trek zachtjes aan de teugels, en klem je voeten tegen zijn buik. " De paarden gingen netjes in rondjes lopen.

Intussen had tante Maaike de logeerkamer ingericht. De logeerkamer was niet boven, maar beneden naast de woonkamer. Als je namelijk in de woonkamer een deur open deed kwam je in een grote lege kamer. Ze had er eerst vier matrassen neer gelegd, en toen had ze de bedden opgemaakt en had ze wat leesboeken op een tafeltje naast de bedden gelegd. Verder stond er alleen nog maar een grote kast, met honderden stickers erop. Dat had hun zoon gedaan die er eerst sliep. Maaike glimlachte. Wat leek het alweer lang geleden dat hun zoons het huis uit waren. Toch was het nog maar een half jaar geleden. Ze ging weer de huiskamer binnen en zag door het raam dat de meiden nog steeds aan het paardrijden waren. Ze deed haar jas aan en liep naar het weiland waar de meiden oefenden. " Zo, gaat het al een beetje?" De meiden deden voor wat ze allemaal al konden. En dat was niet gek zoals tante Maaike zei. Ze konden al opstijgen en afstappen, in stap en in draf, en ze konden de paarden al stil laten staan als ze aan het rijden waren. De meiden werden toch wel moe dus stopten ze voor vandaag. " Misschien gaan we morgen wel weer," zei oom Maarten. Ze gingen met z'n allen naar binnen om wat te gaan drinken. Snel deden de meiden hun schoenen uit en liepen de kamer in. " Wat willen de dames hebben?" vroeg oom Maarten. " Doe maar cola," zeiden ze. Oom Maarten ging naar de keuken om het drinken in te doen. " Hoe laat is het eigenlijk?" vroeg Ellemijn. " Het is nu tien minuten over twee," antwoordde tante Maaike. Oom Maarten kwam binnen met het drinken. Voor zichzelf en tante Maaike had hij thee in geschonken. " En, wat gaan de dames zo meteen doen?" vroeg hij belangstellend. " Ik wou ze de hut in het bos nog effe laten zien," zei Iris. " O, ja, dat is een leuk idee. Het is echt een hele mooie hut hoor," zei oom Maarten. De meiden dronken snel hun glas cola leeg. " Zullen we nu dan naar de hut gaan?" "Oké," de meiden vonden het best. " Zijn jullie er wel op tijd weer?" vroeg tante Maaike. " Ja hoor tante. " . De meiden stonden op en liepen naar de gang. Daar deden ze hun schoen aan pakten hun jas en liepen naar buiten.


Kijk ook op de site van Karien: www.lochem.net/karien

Ook jij kunt hier je kinderverhalen publiceren, en je illustraties aan kinderverhalen toevoegen.
Hoe meer mensen mee schrijven en tekenen, des te meer kinderen hebben plezier van onze verhalen.
Dus doe mee !!


omhoog    home