De vijf meiden - Op reis
door Karien Meuleman, 13 jaar
Het was maandagavond, en Ellemijn zat met haar vader moeder en zus aan
tafel. " O, ik heb toch zo'n zin in morgen!" zei Ellemijn
voor de tiende keer. " Ja, dat weten we nu zo langzamerhand ook
wel hoor," zuchtte haar zus. " Ja nou, kan ik er wat aan doen?"
"Ja, je mond dicht houden en eten," zei haar moeder. "
Dat gaat moeilijk mam, ik kan niet eten en mijn mond dicht houden te
gelijk," grinnikte ze. Haar moeder zuchtte. " Ga nou maar
gewoon eten. " "Oké," Ellemijn was die avond niet
uit haar humeur te krijgen. Toen ze van tafel af mocht liep ze luid
zingend de trap op. " Ik ga mijn tas in pakken mam!" riep
ze boven aan de trap. " Doe dat maar, dan kom ik zo wel kijken
of je alles er in hebt zitten," antwoordde haar moeder. Eindelijk
rust beneden in het huis. Nou ja, rust? Ze kon nog geen seconde van
haar rust genieten, want Ellemijn had boven haar radio zo hard gezet,
dat het waarschijnlijk twee huizen verder ook nog te horen was. Ellemijn
liep luid mee te zingen met het nieuwe liedje van Robbie Williams, toen
er beneden op de bel werd gedrukt. Even later kwam Iris boven. "
Hé, Iris!" riep Ellemijn enthousiast. Snel zette ze de muziek
zachter. " Hoi, ik kwam maar eens kijken hoe het er mee was. Thuis
hoorde ik jouw muziek, dus dacht ik, laat ik eens gaan kijken wat er
aan de hand is. " Nou met mij niet veel, het enige is dat ik vrolijk
ben. "
"Dat merk ik ja," grinnikte Iris. " Heb jij je tas al
ingepakt voor morgen?" "Hm,hm heb ik voor het eten al gedaan.
Ik wil je nu anders wel effe helpen?" , bood Iris aan. " Graag.
" Samen pakten ze de tas in en legden bovenop nog een zak chips
en wat ander lekkers. " Je moet ook nog een tasje inpakken met
de spullen voor onderweg op de fiets. " "O ja, goed dat je
het zegt,". antwoordde Ellemijn. Snel liep ze de trap af en pakte
haar tasje plus wat te eten en drinken, voor onderweg. Ze rende weer
naar boven, waar Iris op bed zat te wachten. " Zo, effe mijn regenpak,
brood en drinken in het tasje doen en dan ben ik klaar. " Even
later kwam haar moeder de kamer in. " Hallo dames zit alles al
in de tas?" "Ja mam, twee schone onderbroeken, een trui en
een lange broek, een korte broek, twee T-shirtjes, een handdoek, mijn
zwempak, tandenborstel, tandpasta, twee haarelastieken, schone sokken.
Een boek en mijn kussen doe ik er morgen nog bij en mijn slaapzak zit
al in de hoes bij de tas," somde Ellemijn op. " Keurig,"
prees haar moeder. " Nou, dan kan ik weer naar beneden gaan. Doei
dames. " "Ja, doei mam!" "Zullen we op de computer?"
stelde Iris voor. " Oké. " De meisjes liepen naar beneden
en gingen achter de computer zitten. " Wat voor een spelletje zullen
we doen?" vroeg Ellemijn. " Zeg het maar. " "Eh
.
Rally?" stelde Iris voor. " Oké. " Ellemijn startte
het spel en even later waren ze er zo druk mee bezig dat ze de tijd
helemaal vergaten. De moeder van Ellemijn kwam de kamer binnen. "
Meisjes het is al acht uur. " "O, shit! Ik moest om half acht
al thuis zijn!" "Ga dan maar gauw. " 'Oké, doei
Ellemijn, tot morgen!" "Doei!" Snel rende Iris de deur
uit naar huis. Gelukkig was dat maar twee huizen verder. Even later
stond ze hijgend in de keuken. " Hoi mam!" De moeder van Iris
wees bestraffend op de klok. " Sorry mam, ik was de tijd helemaal
vergeten. We hebben namelijk op de computer een spelletje gedaan en
toen waren we de tijd helemaal vergeten, en als het leuk is gaat de
tijd ook zo snel", zei ze. Haar moeder keek haar aan. " Nou,
vooruit dan maar. Ga je maar snel douchen dan kun je straks dat ene
programma nog even afkijken. " "O, mam, je bent een schat.
" Iris vloog haar moeder om de hals. " Nou, ga maar snel anders
begint het al," zei moeder glimlachend. Snel vloog Iris de trap
op en even later hoorde je haar luid zingen onder de douche.
Vijf minuutjes later kwam Iris fris gewassen beneden. Snel zette ze
de t. v aan en keek ze aandachtig naar het programma. Om negen uur was
het afgelopen en zette Iris sloom de t. v uit. " Ga nu maar naar
boven Iris, anders ben je morgen veel te moe. " "Oké
mam. " Ze liep naar de werkkamer van haar vader, waar haar vader
druk bezig was. " Pap, ik ga naar bed. " "Oké,
slaap lekker!" Ze gaf haar vader een kus en liep naar boven. Daar
kroop ze diep weg onder de dekens. Haar moeder kwam haar nog even een
kus geven, en na vijf minuten sliep Iris als een roos, en droomde ze
over een schoolkamp waarin van alles misging.
Het was dinsdagochtend zeven uur. " Tringgg," ging de wekker.
Kathelijn draaide zich om en zette loom de wekker uit en draaide zich
nog eens een keer om. " Waarom had ze die wekker ook al weer zo
vroeg gezet? O,ja ze ging vandaag op kamp!" Ineens was ze klaarwakker.
Ze sprong uit bed en hield haar hoofd onder de kraan. " Brrr, dat
was koud. " Snel deed ze haar pyjama uit en trok haar kleren aan
die ze op een stoel had gelegd. Het was een spijker driekwart broek
met daarboven een wit T-shirt. Toen kamde ze haar haren en stak die
op. Op haar tenen liep ze naar de kamer van haar vader en moeder. Ze
deed de deur zachtjes open en stak haar hoofd om de hoek. Haar vader
en moeder sliepen nog. Ze sloop op haar tenen naar beneden en dekte
de tafel. Toen ze dat klaar had liep ze weer naar boven om vader en
moeder wakker te maken. Ze deed de deur weer open en riep: "Wakker
worden!" Haar vader en moeder gaapten even en deden hun ogen open.
" Jullie moeten opstaan. Het is al half acht en ik moet om kwart
over acht al op school zijn. " Har vader en moeder stapten uit
bed kleedden zich om. Kathelijn zelf liep vast naar beneden en zette
thee. Net toen haar vader en moeder beneden kwamen begon de thee te
fluiten. " Zo, hé, wat hebben we al een grote dochter. Moet
je kijken. Ze heeft zelf de tafel gedekt zonder ons wakker te maken,"
zei moeder trots. Ze schoven aan tafel terwijl Kathelijn de thee inschonk.
Na het eten ging Kathelijn haar spullen achterop de fiets vastbinden.
Ze hoefde het gelukkig alleen maar naar school te brengen. Daar stond
namelijk een auto met aanhangwagen waar ze de spullen op mochten gooien.
Daarna liep ze weer naar boven om haar tanden te poetsen. Toen ze al
weer bijna naar beneden wou lopen begon haar kleine zusje te huilen.
Ze lieten haar meestal lang slapen, zodat ze eerst zelf rustig konden
ontbijten, pas daarna haalden ze haar uit bed. Kathelijn liep naar het
kamertje van haar zusje en ging naar binnen. " Wat is dat nou klein
zusje van me? Kun je niet meer slapen?" Ze kietelde het kleine
meisje op haar buikje. Die begon te kraaien van plezier. Kathelijn keek
op haar horloge. Oei, het was al tien over acht. Ze tilde haar kleine
zusje op en deed het meisje haar badjasje aan. Daarna liep ze met de
kleine meid op haar arm naar beneden. " Kijk eens wie we daar hebben!"
zei de vader van Kathelijn. Hij nam het meisje uit Kathelijns armen
en smeerde een boterham voor haar. " En, wat wil Anneliesje op
haar boterham?" "Klaasj," brabbelde ze. Kaas, was het
enige woordje wat ze kende om op brood te doen. " Oké, dan
krijg jij kaas. " Kathelijn deed haar jas aan en riep: "Ik
ga!" "Oké, veel plezier hè lieverd!" zei
haar vader. Ze gaf hem een kus en liep naar haar zusje. " Dag zusje
van me. Zul je lief zijn? Vast wel hè?" ze gaf haar een
kus en liep naar haar moeder. " Dag mam!" "Dag lieverd.
En heel veel plezier hè!" "Ja, dank je wel. "
Ze gaf haar moeder een kus en liep naar buiten. Daar stond haar fiets
al klaar. Haar vader en moeder zwaaiden haar uit, terwijl ze de hoek
om fietste en richting het huis van Marieke ging. " Hoi Mariek!"
riep ze al vanuit de verte. Marieke stond zoals gewoonlijk weer eens
te wachten op Kathelijn. Ze riep: "Hoi, heb jij zin in vandaag?"
"Hartstikke, het lijkt me echt zo tof!" Ze haalden Laura op
en fietsten naar school. Toen ze op school aankwamen stonden er al heel
wat fietsen. Ze zouden om half negen vertrekken, maar omdat de auto
iets eerder vertrok moesten zij ook wat eerder komen om hun spullen
in de aanhangwagen te gooien. Daarna gingen ze bij Iris, Laura en Ellemijn
staan. " Bij wie ga je achterop Laura?" vroeg Kathelijn. "
Maakt mij niets uit, als ik maar op de plaats van bestemming kom,"
lachte ze. " Je mag anders wel bij mij achterop," stelde Ellemijn
voor. " Is goed. " Al de twintig kinderen waren er, dus kon
de auto vertrekken. Zelf gingen ze buiten op het schoolplein wachten.
Het had toch geen zin om nu al vast te gaan want dan moesten ze op het
perron uren wachten totdat de trein er aankwam. De kinderen uit de andere
groepen moesten allemaal bij het hek gaan staan om ze uit te zwaaien.
En dan eindelijk was het tijd om te vertrekken. Iris hielp Laura bij
Ellemijn achterop en daar gingen ze dan. Luid bellend verlieten ze het
schoolplein. Ellemijn fietste naast Kathelijn en Iris naast Marieke.
Ze fietsten gelukkig van de wind af, dus was het niet zo zwaar trappen.
Na een kwartiertje fietsen was het perron in zicht. De trein kwam er
net aanrijden. Snel liepen ze met de fiets aan de hand naar de trein
toe. De conducteur hielp ze met de fietsen en de kinderen gingen in
de trein zitten. Ellemijn en Kathelijn gaven Laura een arm zodat ze
wat meer steun had. Ze gingen met zijn vijven bij elkaar zitten. Het
was namelijk zo dat er steeds twee achteruit reden en twee vooruit,
zodat ze tegenover elkaar konden zitten. Het was eigenlijk voor vier
personen, maar ze gingen er gewoon met zijn vijven zitten. Ellemijn
en Kathelijn aan de ene kant, en Laura, Iris en Marieke aan de andere
kant. " Hoe lang moeten we met de trein meester?" vroeg Kathelijn.
" Ongeveer twee uurtjes. " "Zo lang?" kreunde Ellemijn.
" Sorry, maar ik kan er ook niets aan doen. " Iris pakte haar
rugtasje van het rek boven haar en hield de andere vier een zak drop
voor. " Hmm, lekker," zei Marieke. De trein remde, want ze
waren bij een ander perron aangekomen. Er stond maar een man. Hij liep
de trein in, en zei tegen de machinist: "Wilt u even wachten, ik
moet zo nog even mijn koffers pakken. " Op zijn arm zat een lief,
klein, speels katertje. " Moet je kijken!" riep Laura. Ze
was helemaal gek van poezen, en vooral van kleintjes. De man liep naar
Laura toe. " Wil je hem misschien even vast houden? Ik moet namelijk
mijn koffers nog even pakken. " "Ja hoor meneer," zei
Laura blij. De man zette het poesje voorzichtig bij Laura op schoot
en liep de trein uit. De meisjes keken uit het raam, maar de meneer
kwam niet terug. In plaats van naar de trein terug te lopen liep hij
snel het perron af. " Hoe kan dat nou?" vroeg Laura verbaasd.
De meester was nu naar de vijf meisjes toe gekomen. " Wat heb jij
daar?" vroeg hij verbaasd. " Er was net een man, die vroeg
of ik even het poesje vast wou houden, zodat hij even zijn koffer van
het perron kon halen. Maar nu is hij opeens weg!" Laura barste
in snikken uit. Marieke sloeg een arm om haar heen. " Rustig maar,
jij kon dat toch ook niet weten?" zei ze geruststellend. Het poesje
miauwde zachtjes. Laura veegde haar tranen weg en knuffelde het poesje.
" Wat moeten we er nu mee doen meester?" vroeg Ellemijn. "
Tja, ik zou het ook niet weten," zei hij met een zucht. De andere
kinderen in de trein waren nu zachtjes aan het fluisteren.
De machinist kwam nu ook aanlopen. " Wat is er aan de hand?"
vroeg hij. De meester vertelde het hele verhaal. " Ik denk dat
we hem maar mee moeten nemen en in de kampeerboerderij kunnen we de
politie wel bellen," besloot meester Jaap. De machinist vertrok
weer en de trein kwam in beweging. Het poesje was nu op Laura's schoot
in slaap gevallen. " Ah, gus!" riep Iris. Ze pakte een handdoekje
uit haar tas, die ze voor de zekerheid had meegenomen, en wikkelde die
om het poesje. " Zullen we het een naam geven?" bedacht Ellemijn
"Ja, maar wat?" "Iets van Stoffeltje of zo?" "Nee,
iets bijzonders. " "Ja maar wat dan?" vroeg Kathelijn.
" Ik heb het!" zei Laura. " Wat dan?" vroegen de
andere vier nieuwsgierig. " Katy!" "Hé, ja dat
is een toffe naam!" riep Ellemijn. De anderen waren ook enthousiast.
Het poesje was van het lawaai wakker geworden. " Hallo, Katy!"
zei Laura vrolijk. " Miauw," zei het poesje. " Misschien
wil hij daar wel mee zeggen dat hij het een leuke naam vindt,"
zei Ellemijn. Het poesje begon met zijn pootjes in het T-shirt van Laura
te krabben. " Hé, Katy niet doen!" riep ze verontwaardigd.
Ze haalde de pootjes van haar T-shirt af en zette het poesje nu bij
Marieke op schoot. " Hè gatsie!" riep Marieke. "
Wat is er?" vroegen de andere nieuwsgierig. " Hij plast op
mijn broek. " Ze tilde het poesje van haar broek en er was nu duidelijk
een natte plek te zien. Kathelijn en Ellemijn gierden van het lachen.
Iris pakte snel de handdoek en legde die op de schoot van Marieke. Het
poesje had ze intussen weer op Laura's schoot gezet. Marieke begon met
de handdoek het ergste van haar broek af te vegen, maar de plek bleef
zichtbaar. Kathelijn, die intussen weer bij gekomen was van het lachen,
haalde een schone broek uit haar tas. " Hier," zei ze goedig.
" Doe deze maar even aan. " "Ja, hallo, hier in de trein!,
ik kijk wel uit. " "Dan moet je het zelf weten. Als jij zin
hebt om nog een paar uur met zo'n stinkbroek rond te lopen. " "Nou
nee, maar met al die jongens erbij. ' "Ik hou die handdoek wel
even voor je, dan kun jij snel even die andere broek aan doen,"
stelde Laura voor. Ze pakte de handdoek van Marieke's schoot en hield
die voor haar. Vlug kleedde Marieke zich om, en ze legde haar vieze
broek in haar tas. " Zo, dat is ook weer geregeld. " "Waar
laten we het poesje nu?" vroeg Laura. " We kunnen denk ik
het beste de handdoek tussen ons in op de bank leggen, en dan het poesje
er boven op," zei Kathelijn. Zo gezegd, zo gedaan. Ze legden de
handdoek op de bank tussen Kathelijn en Ellemijn en zetten het poesje
er boven op. Die viel gelukkig meteen weer in slaap. Iris hield iedereen
de zak drop nog eens voor. Marieke haalde een boek tevoorschijn en begon
te lezen. De anderen volgden haar voorbeeld.
Na twee uurtjes lezen riep meester Jaap door de trein: "Tassen
inpakken en klaar gaan zitten want we moeten er zo uit. " De kinderen
pakten hun tassen deden hun jassen aan en keken naar buiten om te kijken
of ze al bijna bij het perron aankwamen. " Hoe moeten we dat nou
met Katy doen?" vroeg Iris aan meester Jaap. " Tja, dat weet
ik ook niet, daar moeten jullie zelf maar een oplossing voor verzinnen.
" "Misschien dat het 't handigst is als ik hem vasthoud, omdat
ik toch niet hoef te fietsen," stelde Laura voor. " Oké,
maar dan zou ik als ik jou was wel even een touwtje om zijn nekje knopen,
dan kan hij tenminste niet weglopen. " "Ja, maar dan stikt
ie!" riep Ellemijn verontwaardigd uit. " Nee, hoor, als je
hem heel losjes vastknoopt dan valt het reuze mee," zei Marieke
geruststellend. Ze gaf Laura een stuk touw en Laura knoopte dat voorzichtig
om het nekje van het poesje. Snel deden ze hun jas aan. Net op tijd,
want toen ze hun jas aanhadden minderde de trein vaart en klonk het
door de trein: "Harlingen, station Harlingen. " De kinderen
stonden op en gingen bij de deur staan. Laura helemaal achteraan, met
het poesje op haar arm. Marieke hielp haar met lopen, en zo kwamen ze
allemaal buiten. De conducteur hielp de fietsen uit de trein te halen
en, daar gingen ze weer. Ze moesten allemaal netjes twee aan twee rijden,
en toen meester Jaap het fluitsignaal liet horen ging de hele stoet
in beweging, op naar de boot. Gelukkig was dat maar een klein eindje,
want Laura, die bij Kathelijn achterop zat, kon het poesje nog maar
net vast houden. Maar ja, met een poesje op de fiets, is ook niet zo
slim. Na een kwartiertje rijden kwamen ze bij de haven. De auto stond
al op de afgesproken plek. De auto met aanhangwagen en fietsen werden
op de boot gereden, en daarna konden ze zelf ook op de boot. Ze hadden
geluk dat het niet zo druk was op de boot. De kinderen hadden allemaal
een boterham mee, dus gingen ze met zijn allen buiten op het dek zitten.
Veel vogels vlogen boven hun hoofden, en af en toe gooide er iemand
een stukje brood in het water voor de vogels. Heel wat kinderen hadden
niet zo'n trek, en gaven stukjes aan de vogels. " Laten we een
rondje om de boot lopen," stelde Marieke voor. " Hé
ja. " "Meester?" "Ja, wat is er?" "Mogen
we een rondje om de boot gaan lopen?" "Ja hoor, maar pas wel
op dat je niet in het water valt. " "Oké. " De
meiden liepen om de boot heen, en een paar jongens volgden. " Hé,
jij duwt!" riep Jeroen boos. Hij gaf Daan een flinke zet. Die tuimelde
zowat achterover en duwde Jeroen terug. " Ophouden!" riep
Kathelijn boos, straks valt er iemand nog van de boot. " Oh, begin
je weer," zei Jeroen zuchtend. " Jij moet ook altijd de juf
uithangen hè?" "Nee, hoor, maar je zult zien dat ik
gelijk krijg. " "Ach, man. " Hij ging tegen de reling
aanstaan en boog voorover. Dat was de kans voor Daan. Hij duwde zo hard
tegen Jeroen aan dat die over boord vloog en in het water terecht kwam.
Ellemijn die ook bij de reling stond, schrok zich een ongeluk. Ze hadden
erge pech, want de boot ging best snel en Jeroen bleef bewegingloos
in het water liggen. Kathelijn die op reddingswemmen had gezeten, dook
het water in en hield Jeroen boven water. Iris, gaf haar een hand en
zo bleven ze bij de boot. Kathelijn probeerde zich met één
hand aan de reling op te trekken, maar dat lukte niet. Marieke haalde
snel de meester op die meteen mee rende naar Kathelijn en Jeroen. "
Hier Kathelijn, geef me een hand, dan trek ik je omhoog. " Kathelijn
gaf de meester een hand en de meester trok haar langzaam omhoog. Toen
ze eenmaal op het dek waren, viel Kathelijn doodmoe neer. " Iris,
wil jij even de tassen van Kathelijn en Jeroen zoeken en die hier mee
heen nemen?" vroeg de meester. " Ja meester," zei Iris.
Ze rende meteen weg. Even later kwam ze met de twee tassen terug rennen.
" Mark, wil jij even met Jeroen mee gaan en vragen waar hij zich
even kan omkleden, en jij Ellemijn wil jij even met Kathelijn mee gaan.
" "Ja mees. " Ze liepen met zijn vieren naar het overdekte
stuk in de boot. Kathelijn en Jeroen steunden op Ellemijn en Mark. "
Bedankt," zei Jeroen verlegen tegen Kathelijn. " Graag gedaan,"
zei Kathelijn met een glimlach. Er kwam een mevrouw naar de vier kinderen
toe. " Wat is er met jullie aan de hand?" vroeg ze vriendelijk.
" Over boord gevallen mevrouw," zei Ellemijn met een glimlach.
" Allebei te gelijk?" vroeg de mevrouw verbaasd. " Nee,
hij viel, en toen redde zij hem. " "Wat dapper," zei
de mevrouw. " Als jullie hier rechtdoor lopen en dan de jongens
rechtsaf en de meisjes linksaf gaan, dan komen jullie in een soort slaapkamer,
met wastafel. Daar kunnen jullie je omkleden. Daarna mogen jullie wel
weer even bij mij komen. " Ze liepen er heen. En even later kwamen
ze weer helemaal fris, maar wel koud, weer bij de mevrouw. " Zo,
gaan jullie alle vier maar hier zitten dan haal ik even een kop groentesoep
voor jullie op. Oké?" "Graag," zeiden ze met een
glimlach. De soep was lekker warm, en toen ze het ophadden waren ze
weer helemaal de oude. Ze bedankten de vrouw en liepen weer naar buiten.
" Zo, zijn jullie daar weer?" vroeg de meester. " Ja,"
zei Ellemijn vrolijk. " Mooi, dan wil ik Jeroen en Daan nog even
hier hebben. " De jongens liepen met gebogen hoofden naar meester
Jaap toe. Mark bleef er dicht bij staan, hij wou wel eens weten wat
de meester zijn vrienden te vertellen had. " Mark wil jij even
weg gaan?' vroeg de meester vriendelijk. " Eh, natuurlijk meester.
" Hè, mislukt. Hij liep naar de rest van de klas die bij
de reling stonden te praten.
Na vijf minuutjes kwamen Daan en Jeroen als twee dikke vrienden naar
de anderen toe. " Hallo!" "Hoi," zeiden de anderen.
'Kijk!" riep Marieke blij. " Daar is Terschelling al. "
Iedereen boog nu over de reling heen en keek. Een paar honderd meter
voor hen was land te zien. De meester kwam ook aanlopen en waarschuwde
iedereen dat ze over vijf minuten klaar moesten zijn, omdat ze dan aan
wal gingen. Ze deden allemaal hun jassen aan en pakten hun tassen op.
En daar kwam het land steeds dichterbij. De boot werd vastgelegd, en
de kinderen gingen aan wal. De fietsen en de auto werden van de boot
gehaald en toen kon de reis weer verder gaan. De tassen van Jeroen en
Kathelijn werden weer op de aanhangwagen gelegd, Laura ging in de auto
zitten naast de moeder van Mark, die de auto bestuurde en toen konden
ze weer verder gaan. Het poesje had Laura nog steeds vastgehouden en
zette het nu op haar schoot. " Hoe kom je daaraan?" vroeg
de moeder van Mark nieuwsgierig. " In de trein had een man die
op mijn schoot gezet en daarna was hij weggelopen. " "Oh,
en wat gaan jullie er nu mee doen?" "We gaan in het dorpje
waar we straks zijn, naar de politie. " "Oh, ja. "
Kijk ook op de site van Karien: www.lochem.net/karien
Ook jij kunt hier je kinderverhalen publiceren,
en je illustraties
aan kinderverhalen toevoegen.
Hoe meer mensen mee schrijven en tekenen, des te meer kinderen hebben
plezier van onze verhalen.
Dus
doe mee !!

omhoog home
|