Het nieuwsgierige madeliefje
door Elly-Ann van Luxemburg
Op een warme zomerdag stond de zonnebloem Bellefleur over de tuin
uit te kijken. Ze was erg lang, wel 2 en een halve meter. Dat was
langer dan de andere bloemen in de tuin, dus ze kon mooi alles overzien.
Opeens hoorde ze een klein stemmetje onder bij haar wortels. Bellefleur,
riep het stemmetje. Bellefleur, luister nou eens!. Bellefleur
kende dat stemmetje wel. Het was van Madelief, een heel klein wit
bloemetje met een geel hartje dat ook in de tuin groeide, hoewel het
eigenlijk in de wei thuis hoorde. Maar gelukkig werd het onkruid in
deze tuin niet zo vaak weggehaald. En als het gebeurde, mocht Madelief
altijd blijven staan, omdat ze zon mooi rood vlekje had op haar
bloemblaadjes.
Bellefleur, luister je nou nog niet? hoorde ze weer.
Ze keek omlaag en zag dat Madelief haar kopje tussen haar grote onderste
bladeren door had gepiept. Ze zag er heel lief uit met al die witte
bloemblaadjes als een krans om haar gezichtje. Dat gezichtje stond
wel een beetje treurig, vond Bellefleur en ze vroeg dan ook: Wat
is er Madelief, waarom kijk je zo treurig?
Madelief was blij dat Bellefleur eindelijk luisterde. Ze duwde de
grote bladeren die haar bijna bedekten nog wat verder uit elkaar en
keek Bellefleur aan.



Weet je, zei ze. Ze begon eigenlijk zon beetje
altijd met die woorden. Bellefleur noemde haar ook zo af en toe Weet
je als ze haar aansprak. Maar ze ging nu door: ik heb
maar een heel kort steeltje. Ik kan alleen maar een klein beetje om
me heen kijken als ik net boven de grond kom na mijn slaap in de winter.
Maar al gauw daarna zie ik alleen nog maar stengels en bladeren en
voel af en toe de natte neus van een hond of poes. Soms kruipt er
een slakje tegen mijn steeltje op, maar gaat dan al gauw weer omlaag
omdat hij via mijn steeltje niet hoog genoeg kan komen. Jij hebt een
hele lange steel. Jij kunt dus heel ver kijken. Vertel eens wat je
allemaal ziet. Dan weet ik wat ik allemaal mis en ze keek er
heel treurig bij.
Bellefleur schaamde zich opeens een beetje voor haar lange steel.
Ze had nooit bedacht dat de korte bloempjes niet zon mooi uitzicht
hadden als zij. Ze moest Madelief proberen op te vrolijken. Maar hoe?
Om haar heen stonden Margrieten, een paar Klaprozen, een bosje Vergeetmenietjes,
wat Koekoeksbloemen en Fluitekruid en wat Lelietjes van Dalen, die
graag in de schaduw van haar bladeren bleven. Daarna begon een stuk
grasveld waar tuinstoelen en een schommel op stonden. Het konijnenhok
stond vlakbij tegen de muur die rond de tuin was gemaakt. In dat konijnenhok
was Bellefleur als zaadje van de zonnebloem terechtgekomen wist ze.
Ze was uit het hok gevallen en door een duifje opgepikt. Toen dat
duifje ergens van schrok en wegvloog, had die de zonnebloempit laten
vallen en daar was Bellefleur uit gegroeid. Madelief had er toen al
gestaan en verbaasde zich elke dag weer hoe hard Bellefleur groeide.
Ja, ik ben wel erg veel gegroeid, hè, zei Bellefleur
tegen Madelief. Ik merk ook dat mijn bladeren en zelfs mijn
bloem door dieren worden gebruikt als uitkijkplaats. Dat slakje, dat
eerst bij jou zat, is later bij mij naar boven gekropen om rond te
kunnen kijken.
Dat weet ik, zei Madelief. Dat heeft hij mij verteld,
toen hij weer naar beneden was geklommen. Er bleef nog heel lang een
glinsterend spoor van hem achter op je steel. Daardoor moest ik er
vaak aan denken hoe het zou zijn om daarboven bij jou van het uitzicht
te genieten.
Bellefleur dacht even na. Weet je, zei ze en begon daar
zelf om te lachen. Ze gebruikte die woorden nu zelf ook! Ik
heb een idee. Jij bent niet zon goede klimmer en je slingert
jezelf ook niet zo gemakkelijk om een steel heen om hoger te komen.
Maar als ik nu eens mijn onderste blad zo schuin op de grond zet,
dat jij daarop kunt gaan liggen. Dan breng ik dat blad langzaam naar
boven tot de rand van het volgende blad en laat je daar dan voorzichtig
op glijden. Je kunt je met je blaadjes misschien een beetje vasthouden
als het nodig is. Daarna breng ik je weer naar het volgende blad en
zo gaan we tot helemaal boven waar je van het uitzicht kunt genieten.
Je moet wel heel voorzichtig je worteltjes losmaken uit de grond,
anders kun je na afloop niet meer stevig in de grond staan en dan
kun je geen water meer drinken.
Madelief werd helemaal blij. Zou dat echt kunnen, denk je?
Waarom proberen we het niet direct uit? Er is niet zoveel wind en
ik wil zo dolgraag eens ver kunnen kijken!.
Zo gezegd, zo gedaan. Het madeliefje maakte heel voorzichtig haar
worteltjes los uit de grond en ging op het onderste blad van de zonnebloem
liggen, met haar blaadjes als steuntje naast haar. Ze voelde zich
zo gelukkig! Nu zou het gaan gebeuren! Ze voelde zich opgetild worden
en gleed daarna heel voorzichtig op het volgende blad. Als ze een
beetje weggleed, dan gebruikte ze haar blaadjes om zich tegen te houden.
Zo kwam ze blad voor blad al hoger en hoger. Tot ze Bellefleurs gezicht
opeens heel dichtbij zag. Wat was ze mooi! Opeens klonk de stem van
Bellefleur veel harder omdat ze zo dichtbij was.
Daar ben je dan. Nu houd ik het blad recht en kun je heel voorzichtig
gaan zitten. Dan kun je rondkijken. Ik zal je langzaam ronddraaien
zodat je alle kanten op kunt kijken .
Madelief geloofde haar ogen niet. Geen stengels en bladeren zag ze
meer, maar wel veel bloemen, groen gras, een muurtje en daarachter
kon ze zelfs zien wat er buiten de tuin was. Er stond een pony met
prachtige blonde manen in de wei te grazen en verderop stond een rode
tractor. Opeens zag ze iets bewegen naast de pony en er sprong een
veulentje naast haar vandaan. Zoiets zag je toch niet als je zo klein
was als zij. Madelief wilde zo lang mogelijk blijven genieten van
alles wat ze zag en toen de zon al wat minder warm werd vond ze het
pas goed om weer naar beneden te worden gebracht. Op het laatste blad
zat een lieveheersbeestje op haar te wachten. Madelief,
zei het, ik was al bang dat je geplukt was. Ik kwam je de groetjes
doen van je tante Jasmijn.





Madelief gleed samen met het lieveheersbeestje op de grond en stopte
heel voorzichtig haar worteltjes weer onder de grond. Daarna vertelde
ze pas in geuren en kleuren wat er allemaal met haar gebeurd was en
wat ze allemaal gezien had. Dank je wel, zei ze nog tegen
Bellefleur en toen vouwde ze haar bloemblaadjes dicht en viel van
vermoeidheid in slaap. Ze zag niet meer dat Bellefleur en het lieveheersbeestje
naar elkaar knipoogden want toen droomde ze al van verre reizen die
ze zou gaan maken
..
Je kunt Elly-Ann mailen op luxsixpack@hotmail.com
Ook jij kunt hier je kinderverhalen publiceren,
en je illustraties
aan kinderverhalen toevoegen.
Hoe meer mensen mee schrijven en tekenen, des te meer kinderen hebben
plezier van onze verhalen.
Dus
doe mee ! !

omhoog home