De juwelen van koning Florius, deel 2
door Steven van Dinther
Let op, dit is een vervolgverhaal! Voor het eerste deel, klik
hier!
Zoals jullie in het vorig deel hebben kunnen lezen, is er op het kasteel
van koning Florius iets ergs gebeurd.
De kroonjuwelen zijn gestolen. Hoofdcommissaris Gniep heeft de dorpsbakker,
bakker Bob, gearresteerd.
Deze is op heterdaad betrapt. De knecht van bakker Bob, Ricky, is
gelijk naar Alexander, de dorpsdetective, gegaan.
Alexander is met de hulp van Sjaak, de caféhouder, het kasteel
binnengeslopen.
Hij heeft daar het nodige materiaal kunnen verzamelen, om onderzoek
te doen.
Wat Alexander niet weet, is dat hij in het kasteel in de gaten wordt
gehouden.
Op het moment dat hij de juwelenkamer wil verlaten staat hij oog in
oog met...

'Maar prinses Andrea, wat... doet u hier?' vraagt Alexander, die
verstijfd is van de angst. 'Wat ik hier doe?
Ik woon hier Alexander! Heb je gevonden wat je zocht?' 'Ik...eh, nou,
nee eigenlijk niet.'
'O Alexander, wat kan jij slecht liegen. Ik heb toch alles gezien.
Ik houd je al in de gaten vanaf het moment dat je het kasteel binnenkwam.'
'Nou, vertel op, wie is volgens jou de dader. Of ben je daar nog niet
uit? 'Sorry, prinses, maar... ik weet het nog niet.
Wat ik wel weet, is dat bakker Bob onschuldig is.' 'Ik heb ook mijn
twijfels over bakker Bob.'
Vind je het goed als ik je help?' vraagt de prinses.
'Als u dat wilt.' Alexander kijkt op zijn horloge en ziet dat hij
terug moet naar de keuken.
Sjaak staat op hem te wachten. 'Prinses, ik moet gaan, maar ik neem
nog contact met u op.' Alexander loopt weg. 'Ben ik op tijd?'
vraagt Alexander aan Sjaak. 'Het scheelt niet veel, of ik was al weggegaan.'
Samen gaan ze terug naar het dorp.
In het café praat het tweetal over de bevindingen van Alexander.

De volgende dag schrijft Alexander een brief aan prinses Andrea.
Hij wil met haar afspreken en vraagt of zij ongezien het kasteel kan
verlaten.
In het bos, dat aan de rand van het dorp ligt, zien zij elkaar. 'Hoi,
Alexander.'
'Hallo, prinses. Zullen we naar het meer gaan?'
Bij het meer kan het tweetal rustig praten. Alexander geeft de resultaten
van het onderzoek dat hij heeft gedaan.
'Maar Alexander, dit kan toch niet waar zijn?' 'Het
spijt me, prinses, maar ik denk toch dat dit de dader is.'
'Je moet het zeker weten, voordat je dit bekendmaakt.' 'Daarom
wil ik u om een gunst vragen, prinses.'
Alexander legt het één en ander uit. 'Oké,
je hoort nog van mij, Alexander.'
De prinses staat op en gaat terug naar het kasteel.
Alexander blijft nog even zitten en leest zijn papieren nog eens door.
Dan hoort hij iets in de bosjes. 'Wie is daar?' Het blijft
stil. Alexander staat op en loopt richting de bosjes.
Hij ziet iemand zitten. Wie ben je? Ik zie je wel.' De persoon
staat op. 'Gniep? Wat doe jij hier?' Commissaris Gniep komt
uit de bosjes.
'Ik zag jou en de prinses toevallig lopen.' Ik wou weten
wat jij en de prinses van plan waren.'
'Gniep, kom ééns zitten, ik wil je iets vertellen
over de gestolen juwelen.'
Alexander vertelt zijn bevindingen aan Gniep.
'Ik hoop voor jou, dat je op het juiste spoor zit', zegt
Gniep. 'Ik heb geen twijfels, commissaris.'
De avond valt. Alexander zit samen met Max, zijn hond, te genieten
van een heerlijke maaltijd. Na het eten neemt hij alle papieren nog
ééns door.
'Nou, Max, ik hoop dat ik gelijk heb.' Op het kasteel worden een aantal
mensen uitgenodigd.
Het zijn Alexander, bakker Bob en zijn knecht Ricky, Commissaris Gniep
en Sjaak, de eigenaar van het café.
Ook vrouw Koeimans, de lakei, de koning en de prinses zijn aanwezig.
'Ik zie dat iedereen er is.'
'Waarvoor moeten wij hier eigenlijk zijn?' vraagt vrouw Koeimans,
de huishoudster.
'Ja, waarom eigenlijk? Wij hebben toch niks gedaan', zegt de lakei
geïrriteerd.' 'De koning staat boos op.
'Allemaal stil zijn! Alexander heeft onderzoek gedaan naar de gestolen
juwelen, en ik wil nu wel ééns weten wie de dader is
en waarom hij of zij het heeft gedaan.'
'Alexander, ik geef jou nu het woord.' 'Dank u, koning.'
'Ik heb jullie hier naartoe laten komen, omdat ik er na wat speurwerk,
achter ben gekomen dat bakker Bob niet de dader kan zijn.'
'Er zijn toch sporen van hem gevonden?' vraagt de lakei. 'Nee', antwoordt
Alexander, er zijn alleen sporen van meel gevonden. Dit zegt niet
dat bakker Bob de schuldige is.

Laat ik ééns bij het begin beginnen. Bakker Bob gaat
zoals altijd vroeg naar het kasteel, om het brood te bezorgen.
Ook Sjaak gaat vroeg naar het kasteel, om spullen te bezorgen.'
Sjaak staat op. 'Ik heb er niks mee te maken. Ik ben onschuldig.'
'Sjaak, ga zitten.'
'Waar was ik? Vrouw Koeimans is ook altijd vroeg uit de veren. Zij
neemt de goederen in ontvangst.
De lakei komt altijd rond zeven uur naar het kasteel. Ik tel dus vier
mensen die vroeg op het kasteel zijn.
Alle vier kunnen dus rustig hun gang gaan.' 'Wie van jullie heeft
het gedaan? vraagt de koning.' 'Koning Florius, rustig alstublieft.'
'Koning Florius, u bent nummer vijf, die op het kasteel is en de prinses
nummer zes.' 'Beschuldig jij mij?'
'Pappa, ga nu ééns rustig zitten en laat Alexander uitpraten.'
'Er zijn dus zes mensen die de juwelen zouden kunnen stelen. De vraag
is: wie heeft er profijt van?
De koning en de prinses vallen af. De juwelen zijn al jaren een erfstuk
van de familie. Waarom zouden zij die van zichzelf stelen?
Oké, de juwelen zijn voor veel geld verzekerd. Maar de verzekering
oplichten, dat zie ik de koning niet doen.
Dan kom ik bij bakker Bob. Bakker Bob is iemand die uit een echte
bakkersfamilie komt. Hij houdt te veel van zijn vak, dus waarom zou
hij dit opgeven om te stelen?
Dit geldt ook voor Sjaak. De zaken gaan goed, het is hard werken,
maar toch, het verdient goed.
Nee, ik geloof niet dat dit de daders zijn.' 'Daders? bedoel je dat
het niet door één persoon is gedaan?' vraagt de prinses.
'Dat bedoel ik inderdaad, prinses. Ik denk dat de inbraak door meerdere
personen is gedaan.
Laten we ééns kijken naar vrouw Koeimans en de lakei.
Beiden kunnen zich in heel het kasteel vrij bewegen.'
'Ik heb er genoeg van.' Ik denk dat je alles uit je duim zuigt', zegt
de lakei.
De commissaris staat op. 'Alexander, ik denk dat je nu te ver gaat.
Laten we stoppen, ik heb nog meer te doen.'
'Dat dacht ik wel, Gniep, maar ook jij speelt een belangrijke rol
in het verhaal.'
'Hoe bedoel je?'

De lakei is een zoon van vrouw Koeimans. Al jarenlang houdt zij dit
verborgen.' 'Nee, nou wordt het helemaal te gek.'
'Stil!' schreeuwt de koning. 'Ga door Alexander.'
'De lakei is de zoon van mevrouw Koeimans.' 'Maar ik heet helemaal
geen Koeimans', zegt de lakei.
'Nee, dat weet ik, jij hebt als achternaam Gniep! Jouw vader is de
commissaris.
Jullie hebben een plan gemaakt om de juwelen te stelen en bakker Bob
daar voor op te laten draaien.'
'Vertel verder Alexander, vertel verder.'
'Vroeg in de ochtend is de lakei met de sleutels van de juwelenkamer
naar boven gegaan.
Hier heeft hij de juwelen weggenomen en bloem neergegooid. Vervolgens
ging hij naar zijn moeder, die in de keuken was.
Zij hebben de juwelen in de haard in de keuken verstopt.
Op datzelfde moment kwam bakker Bob binnen, die zoals altijd het brood
afleverde.
De lakei glipte langzaam naar buiten om één van de juwelen
in de auto van bakker Bob te leggen.
De commissaris kon zo op eenvoudige wijze bakker Bob arresteren.'
De koning staat op en loopt naar Gniep.
'Wat heb jij hierop te zeggen, Gniep?' 'Alexander heeft gelijk, wij
zijn schuldig. Jarenlang hebben we hard moeten werken. We waren het
zat.
We wilden emigreren naar China om daar een nieuwe start te maken.
We hadden alléén geen geld.
Mijn zoon, de lakei, kwam op het idee om de juwelen te stelen en te
verkopen. Alles was tot in de kleinste puntjes uitgedacht.'
'Mijn complimenten, Alexander. Je hebt bewezen een goede detective
te zijn.' De koning roept een aantal agenten en laat het drietal arresteren.
'Alexander, ik wil jou bedanken voor het oplossen van deze zaak. Morgenavond
geef ik een feest en nodig jullie hiervoor uit.'
De prinses loopt naar Alexander en geeft hem een dikke kus. 'Bedankt
Alex.'
Ook jij kunt hier je kinderverhalen publiceren,
en je illustraties
aan kinderverhalen toevoegen.
Hoe meer mensen mee schrijven en tekenen, des te meer kinderen hebben
plezier van onze verhalen.
Dus
doe mee !!

omhoog home