Evelien
door Astrid van Woerkom, 16 jaar
"Hoi Iris, goeie vakantie gehad?!" Cynthia kwam met een
stralend gezicht op haar af. "Ja hoor, best wel." "Raad
eens wat er is gebeurd!" riep Cynthia. "Nou? Je hebt de
loterij gewonnen of je bent weer een kilo afgevallen of zoiets?"
"Welnee, sukkel. Ik heb verkering met Edwin." Cynthia keek
haar dolblij aan. "O," zei Iris weinig geïnteresseerd.
Toen dwaalden haar ogen het schoolplein af: daar stond ze: lang, heel
lichtblond haar, blauwe ogen had ze ooit gezien toen ze haar aankeek,
slank en lang en met een zonnig gezicht, dat was Evelien. "Wat
kijk je nou naar dat wicht?" vroeg Cynthia geërgerd. "Heeft
ze iets van je aan of zo?" "Nee, niks," antwoordde
Iris. "Leuk dat je verkering hebt." "Klinkt niet erg
enthousiast. Moet jij niet ook eens een vriejde?" De bel ging
en Iris gaf geen antwoord; Cynthia zou het toch nooit begrijpen. Edwin
kwam naar hen toe en sloeg onmiddellijk zijin arm om Cynthia heen.
Zo, die was ook intiem. Cynthia bleef staan en begon uitgebreid met
Edwin te zoenen, midden op het schoolplein, dus Iris liep alleen naar
het wiskundelokaal. In de gang botste ze bijna tegen iemand op. Het
was een lang, slank meisje met lang, heel lichtblond haar, blauwe
ogen en een zonnig gezicht: Evelien! "S-s-sorry," bracht
ze uit. "Geeft niet," zei Evelien. Iris wist toevallig dat
ze in de vijfde zat en optrok met Jeroen en Willemijn uit haar klas.
Toen de tweede bel ging en Iris op haar plaats zat, was Cynthia er
nog niet. "Goedemorgen, 4C," donderde de stem van Terpstra
door het lokaal. "Ik hoop dat jullie goed zijn uitgerust in de
kerstvakantie en héle goeie voornemens hebben voor het nieuwe
jaar. Ik doe er normaal gesproken niet aan, want ik voer ze toch niet
uit, maar dit jaar heb ik één goed voornemen: ik ga
jullie temmen." Gelach. "Dus nu allemaal je wiskundeboek
voor je en in stilte aan het werk met paragraaf 3.4. Zijn er afwezigen?"
Op dat moment ging de deur open en Edwin en Cynthia kwamen heel gewoon
het lokaal in en ploften op hun plaatsen neer. "Waar zijn jullie
te laat-briefjes?" vroeg Terpstra. "Ah, hoeven we nou voor
één keertje geen briefje te halen?" vroeg Cynthia
met een heel erg smekend stemmetje. "Nou, vooruit dan maar weer.
Nu heel snel aan het werk." Maar van werken kwam bij die twee
niet veel, zag Iris en de leraar riep herhaaldelijk: "Ik zei
dat jullie aan het werk moesten gaan!" Iris vond wiskunde moeilijk
en ze mocht Terpstra niet zo. Die stomme kansberekening was ook niet
voor de poes. Had ze maar niet het profiel cultuur en maatschapij
moeten kiezen. Maar ja, anders kreeg je nog veel moeilijkere wiskunde
en natuurkunde en scheikunde, bah. Nee, haar profiel was toch wel
het beste als je niet van wiskunde hield. Ze keek even uit het raam
en zag daar... Evelien! Nee, niet weer. Elke keer dat ze haar zag,
kon ze alleen maar naar haar kijken en vergat ze de rest. Iris wist
heel goed wat dit te betekenen had: ze was verliefd op haar, maar
eigenlijk wilde ze dat niet. Zoiets was toch stom: iemand van vijftien
die al wist dat ze o wat een rotwoord lesbisch was.
Cynthia zou haar uitlachen als ze het wist, daar was ze van overtuigd.
En nu ze verkering had met Edwin helemaal. Bah, als het nou nog een
normale jongen was, maar Edwin lag Iris totáál niet.
"Iris, ga je ook weer aan het werk?" "Jaja," zei
ze.
In de pauze zag ze dat Cynthia met Edwin wegliep. Die gingen ergens
staan zoenen of zoiets, daar hoefde zij niet bij te zijn. Ze liep
naar de kantine en ging bij Marieke, Nick, Daphne, Jorine en Xavier
zitten. "Van wie kan ik geld lenen? Ik heb trek in iets lekkers."
zei ze. Daphne pakte haar portemonnee en begon erin te zoeken. "Is
dit goed?" vroeg ze en gaf Iris een munt van vijftig eurocent.
"Tjesses, ik ben echt nog niet aan die euro gewend." "Ja
hoor, best." Ze liep naar het winkeltje waar ze chips, broodjes
en repen verkochten. Iris was teleurgesteld toen ze Evelien daar niet
zag staan. Jammer. Ze bestelde een zakje paprikachips en liep ermee
terug naar het groepje. "Ik mag toch wel een chippie?" bedelde
Daphne, "omdat ik je geld heb geleend." Ze hield het zakje
voor Daphnes neus en gaf ook de anderen wat. Toen ging de bel en Iris
moest naar Frans. Ook daar was Cynthia te laat. "Nee," zei
mevrouw De Vriesch, "ga maar gewoon een briefje halen jij."
Edwin had geen Frans 2, dus Cynthia schoof naast Iris aan. "Wat
zie jij toch in die jongen?" fluisterde ze. "Hij is gewoon
leuk. Ja jeetje, weet ik veel. Hij is gewoon zooo cool! Maar zeg eens,
wat zie jij in die griet waar je de hele tijd naar loert?" "Dametjes
daar achterin, letten jullie even op?" onderbrak de lerares hun
gesprek. "We deden een luisteroefening, dat is geen kletsoefening."
Zuchtend ging Cynthia weer recht zitten en maakte de opdracht. Ook
Iris probeerde zich op het super snel gevoerde Franse gesprek te concentreren,
maar het ging niet echt. Wat leek Cynthia ineens veranderd nu ze Edwin
had. En ze vond het helemaal niet leuk. Vandaag alleen al had ze enkel
nog over jongens gepraat, als ze al met haar omging, want Edwin ging
nu al steeds voor. Bah, wat gemeen.
7-jan-02
Lief Dagboek,
Waarom doet Cynthia nou zo stom nu ze verkering heeft? Het was
de hele dag Edwin voor, Edwin na. Verder heb ik Evelien, m'n secret
love, weer drie keer gezien. Wel leuk, maar waarom lijkt niemand te
begrijpen wat ik voor haar voel? Of is dat alleen maar mijn idee?
Wat ingewikkeld allemaal.
De rest van de week trok Cynthia alleen maar met Edwin op en liet
Iris staan. Zij zat in de pauze bij Daphne, Xavier, Jorine, Marieke
en Nick en kletste dan zomaar over ditjes en datjes, maar ze miste
de vriendschap zoals ze die met Cynthia had nu al, terwijl het nu
pas één week was. Sosm zag ze Evelien vluchtig in de
gang, maar ze ging niet naar haar op zoek; dat zou opvallen, dacht
ze. "Wist je," zei Jorine vrijdags in de gang tegen haar,
"dat Xavier je heel erg leuk vindt?" "O, fijn voor
hem," antwoordde ze kort. Ze was chagrijnig: Cynthia had vanmorgen
doodleuk tegen haar gezegd dat ze geen vriendinnen wilde zijn met
iemand die zo stom deed als zij. Nou, ze vond maar. "Je vindt
hem dus niet leuk?" vroeg Jorine. "Nee." "Jammer
voor hem." Iris liep rechtdoor naar aardrijkskunde en Jorine
nam de trap naar het wiskundelokaal. Vlak bij het lokaal zag ze Evelien
weer staan kletsen met Jeroen en Willemijn. Het leek of ze even haar
kant op keek en glimlachte, maar dat verbeeldde ze zich natuurlijk
maar. Zoiets kon natuurlijk niet.
De deurbel ging. Iris was alleen thuis, want haar moeder was naar
Engelse les en haar vader had een etentje van de zaak. Ze liep naar
de deur en daar stond Cynthia. Ze hing haar jas op en achter elkaar
liepen ze de trap op naar Iris kamer. Iris ging op het bed zitten
en Cynthia pakte haar bureuastoel. Op het bureau zette ze met schaaltje
koekjes en de koffoepot die ze van beneden hadden meegenomen. Gezellig
kletsten ze, terwijl ze koekjes aten en koffie dronken. Maar,
zei Cynthia, wat zie jij nou echt in die Evelien? Het
was alweer een paar weken geleden dat Cynthia en Edwin verkering kregen;
januari liep op zn eind en het weer werd miezeriger en minder
koud. Iris stopte gauw een koekje in haar mond en gaf geen antwoord.
Ze zette de muziek, een cd van The Corrs, wat harder en begon door
de zang van Andrea Corr heen een gesprek over de leestoets Duits van
morgen. Cynthias interesse nam duidelijk af. Na nog een kwartier
over niks te hebben gekletst, vertrok ze weer. Iris zag dat ze ontevreden
was, maar ze zou Cynthia voorlopig niets over haar liefde vertellen.
Het was 14 februari, Valentijnsdag. De schoolcommissie, bestaande
uit tien vijfdeklassers die de feesten, schoolkrant en dergelijke
verzorgden, had een rozenactie georganiseerd. Nu kwamen twee jongens
van de commissie binnen met de rozen voor 4C. Cynthia en Edwin kregen
er allebei één waarschijnlijk van elkaar -, Marieke
kreeg er één waarvan ze niet wist van wie hij was en
Iris kreeg er twee: één met in Xaviers handschrift I
love Iris, beautiful flower erop en één... Daarvan
wist ze niet van wie hij was. Er stonden enkel drie hartjes en de
naam Iris op. Ze stak de rozen in haar tas; door een opening in de
rits kwamen de bloemen naar buiten. Iedereen besprak tamelijk luid
wie er een roos had en van wie die kwam, tot Van der Zon van Nederlands
hard met de liniaal op het groene schoolbord sloeg en STILTE!
brulde. Gelukkig was dit het laatste uur; vrijdag tot het achtste
uur was slavernij!
s Avonds was het jaarlijkse Valentijnsschoolfeest. Dit feest
was niet door de schoolleiding verplicht, zoals het bovenbouwfeest
en het kerstgala, maar het kwam wel ongeveer jaarlijks terug. Iris
ging er in haar eentje heen. Vorig jaar was ze met Ferry gegaan, maar
toen dacht ze nog dat ze echt verliefd op hem was. De eerste die ze
op het feest zag, was... Evelien! Ze kwam op Iris af en zei: Weet
je van wie die roos was? Nee, hoe moet ik dat nou weten?
zei Iris. Die was van mij. Ik ben verliefd op je. Iris
was een moment verwonderd over het feit dat iemand zo openlijk kon
zeggen dat ze op een meisje was, maar daarna was ze alleen maar blij.
En Cynthia en Edwin? Die konden mooi de boom in met hun verkering,
ze had Evelien!
Je kunt Astrid mailen: astridvanwoerkom@gymnasium-apeldoorn.nl
Ook jij kunt hier je kinderverhalen publiceren,
en je illustraties
aan kinderverhalen toevoegen.
Hoe meer mensen mee schrijven en tekenen, des te meer kinderen hebben
plezier van onze verhalen.
Dus
doe mee !!

omhoog home