Een verhaal over elfjes
door Leo Versnel
Het was een warme zomernacht. Op de grote wei in het bos wemelde het
van de elfjes. Er waren er, geloof ik, wel duizend! In een hoek van
de wei stond een troon en op die troon zat de koning van alle elfen,
Oberon.
Het was een lawaai van je welste, daar op die wei. Iedereen praatte
door elkaar heen tot er opeens een harde trompetstoot klonk. Een heraut
van de koning had daarmee om stilte gevraagd, dat wist iedereen! En
meteen was het doodstil. Je kon bijna een speld horen vallen. Toen
begon de koning te spreken: Jullie hebben natuurlijk allemaal
die rommel gezien, die de mensen in hun en onze bossen achterlaten!,
zei hij. Nou, daar had elke elf zich al jaren aan geergerd. Maar ja,
wat kon je daar als elfje nu aan doen? Ik wil ideeën hebben
om van die rommel af te komen!, riep koning Oberon, wie
heeft er een goed plannetje?
Eén elf, een mannetje, stapte naar voren. Als we zelf
nu eens die rommel op gingen ruimen?, vroeg hij aan de koning,
we kunnen bijvoorbeeld konijnen vragen om mee te werken. Dan
maken we een mandje van riet vast op de rug van een konijn en daar
kunnen we dan de rommel ingooien! Iedereen klapte hard om zon
goed plan. Goed, zei Oberon, laten we dat eens gaan
proberen!
Aan de rand van de wei zaten al een paar konijnen nieuwsgierig naar
al dat gedoe te kijken en ééntje stapte al naar voren
om te helpen. Hij kreeg een bloemenmandje op zijn rug en een paar
elfen, waaronder de elf die het plannetje had bedacht, gingen met
het konijn het bos in. Al gauw hadden ze een bergje afval in het mandje
verzameld. Eén van de elfjes keek nog eens in het rond en ontdekte
toen nog een leeg ijsbekertje. Hier ligt nog wat!, riep
hij. Met een grote sprong was het konijn op het plekje waar het bekertje
lag. Maar helaas! Door die sprong was alle afval, die in zijn mandje
had gelegen er uit gevallen. De elfjes konden weer opnieuw beginnen.
Koning Oberon riep ze bij zich. Zo gaat het niet goed, geloof
ik, zei hij, wie weet wat er fout is aan dit plan?
Even was het stil. Toen riep Elfje Twaalfje (zo heette dat elfenmeisje):
Als wij alle rommel opruimen, dan leren die domme mensen er
niets van! Dan gaan ze er gewoon mee door met hun afval in het bos
te gooien!
Juist, zei Oberon, we moeten een manier vinden
om de mensen te leren hun rotzooi mee naar huis te nemen en het daar
in de vuilnisbak te gooien! Wie heeft daarvoor een plannetje?
Nu bleef het wel erg lang stil. Ja, hoe moest je domme mensen omtoveren
in mensen, die goed voor hun omgeving zorgen?
Eindelijk stond er iemand op. Het was weer Elfje Twaalfje! Misschien
weet ik wat!, zei ze.
Alle elfjes keken haar nieuwsgierig aan. Zon klein elfenmeisje!
Zou die DE oplossing voor het probleem gevonden hebben?
Elfje Twaalfje keek eens om zich heen. Alle elfjes staarden haar
aan. Ze werd er zenuwachtig van en opeens was ze er niet meer zo zeker
van dat ze een goed plan zou hebben. Toch begon ze haar idee te vertellen:
Eigenlijk zouden wij elfjes die domme mensen erop moeten wijzen,
dat ze foute dingen doen!, zei ze. Als alle elfjes wanneer
ze zoiets zien, nu eens naar zon mens toevliegen en hem in zijn
oor fluisteren, dat hij zijn rommel moet opruimen, zou dat dan niet
helpen? Alleen hele lieve mensen kunnen ons zien, die rommelmakers
vast en zeker niet. We lopen dus geen gevaar en wanneer het bij één
mens niet helpt, dan misschien bij een andere wel! Alle elfjes
waren stomverbaasd over zon mooi plan. Ze besloten het meteen
in praktijk te gaan brengen.
Wilbert en Jan Kees liepen samen over het bospad. Jan Kees had een
zakje pindas in zijn hand en om de beurt namen ze een nootje.
Toen het zakje leeg was, gooide Jan Kees het naast het pad in de struiken.
Op datzelfde moment klonk er een stemmetje in zijn oor: Mensenkind,
zou jij je rommel niet eens netjes thuis in de vuilnisbak gooien!
De jongen schrok er van! Hoorde jij ook wat, Wilbert?,
vroeg hij. Nee, Wilbert had niets gehoord, maar die had ook niets
stouts gedaan! Jan Kees deed een paar stappen in de struiken en haalde
het zakje er weer uit. Hij stopte het in zijn broekzak. Deze keer
had het plannetje van de elfjes gewerkt. Maar zou het altijd werken?
Er waren natuurlijk altijd jongens (en meisjes) die zon elfje
een grote mond terug gaven: Waar bemoei jij je mee!. Maar
ach, alle beetjes helpen!
Voor meer verhalen van de Verhaaltjesopa Leo Versnel,
ga naar: http://home.hccnet.nl/l.versnel
Ook jij kunt hier je kinderverhalen publiceren,
en je illustraties
aan kinderverhalen toevoegen.
Hoe meer mensen mee schrijven en tekenen, des te meer kinderen hebben
plezier van onze verhalen.
Dus
doe mee !!

omhoog home