www.kinderverhalen.nl, de site voor en door liefhebbers van kinderverhalen

It's My Life!!! Christie van Koorlingen
door Chantal van den Bruele
illustratie van Maaike Smittenaar

Ik heet Christie van Koorlingen. Ik ben geboren op zaterdag 16 december 1985. Ik ben nu dus 15 jaar oud. Ik ben geboren in Utrecht aan de Slotlaan 28. Ik ga een verhaal vertellen over wat ik allemaal heb meegemaakt in mijn hele leven tot aan dit jaar. Ik weet af en toe niet goed meer wat er gebeurd is, dus dan heb ik er maar wat van gemaakt. Dus voor de mensen die precies weten hoe het is gegaan, als er af en toe iets anders is staat dan er in het echt is gebeurd, dan maakt dat niet uit, want dit is mijn verhaal zoals ik het me herinner.


Mijn moeder heet Kim van Beeren. Ze is geboren op 27 juni 1960. Ook in Utrecht. Ze is nu 40 jaar.

Mijn vader heette Alex van Koorlingen. Hij is geboren op 23 juli 1954. In Rotterdam. Hij zou nu 46 jaar zijn. Hij is overleden op dinsdag 16 januari 1998.

In de Slotlaan heb ik 2 jaar gewoond. In die 2 jaar ging het af en toe mis tussen mijn ouders, omdat papa te veel dronk. Toen ik een paar maanden was is mama al een keer met mij weggelopen. Toen ging ze naar opa en oma Van Beeren in Maarssen.

Toen ik 2 was verhuisde ik naar de Mayadreef 88. In de Mayadreef werd mijn broertje Jory geboren, op zaterdag 10 november 1987. Hij is nu 13 jaar.

Ik heb tot groep 6 op basisschool de Wielewaal gezeten. Dat was een hele leuke school. In elk geval leuker dan de school waar ik later naar toe zou gaan. Ik had daar een paar vriendinnen. Mijn hartsvriendin was Larissa de Bot. Nadat ik ging verhuizen heb ik haar nog een paar keer gezien, ik denk dat het was: 'Uit het oog, uit het hart'.Maar daar zat ik niet mee, want later ontdekte ik dat ze toch niet zo’n leuke vriendin was.

Alles ging ongeveer goed totdat ik ongeveer 9 jaar oud was. Mijn ouders gingen scheiden, omdat mijn vader nog meer dronk dan vroeger.

De druppel voor mama was dat papa ons (Jory en mij) op school (de Wielewaal) had laten staan. We zouden naar de kapper gaan en daarna naar de kerk (het was een katholieke school).

De school was om half 4 uit maar om 4 uur was papa er nog niet. We belden naar huis maar daar werd niet opgenomen. Daarna belden we naar mama d’r werk en ze zou proberen of ze papa kon bereiken. Dat lukte niet dus ze zou proberen om eerder naar huis te komen. Inmiddels was het al ongeveer half 5 en we zouden om half 5 bij de kapper zijn.

Uiteindelijk kregen we papa toch nog te pakken. Hij zou er aan komen. Maar hij kwam niet. Mama was heel boos op papa.

Dat kan je zeker wel begrijpen, als je weet dat papa, toen wij eindelijk thuiskwamen, gewoon op de bank lag te slapen. Dat was dus echt de druppel voor mama.

Daarna gingen mijn ouders scheiden.

Na de scheiding gingen Jory en ik om het weekend naar papa. Dat ging wel goed en het was ook heel leuk, totdat papa in het weekend van 9 en 10 oktober plotseling moest stoppen met drinken, omdat hij op vakantie ging naar opa en oma van Koorlingen. En ook, omdat Jory en ik bij hem kwamen.

Zaterdag 9 oktober kwamen we en alles ging goed. We gingen, geloof ik, naar de bioscoop. Wat voor film we hebben gezien dat weet ik niet meer maar het was in ieder geval een Disney film. ‘s Avonds had papa wel een beetje verhoging. Maar dat was niet erg, volgens hem. Zondag zouden we naar mijn oom Floris en mijn tante Vera in Heerlen gaan.

Zondag 10 oktober stonden we om half 8 op. Papa wou zijn pillen pakken. Hij had die pillen voor iets wat ik niet meer weet. Maar toen hij bij de kast stond, viel hij ineens op de grond. Het leek net of hij sliep of zo, maar hij stond niet op toen we hem probeerden wakker te maken. Hij lag helemaal te shaken en eng te doen. Toen ik later een werkstuk over alcoholisme ging maken, kwam ik er achter dat hij ontwenningsverschijnselen had, doordat hij ineens was gestopt met de drank. Door de val, had hij z’n hoofd gestoten en had hij een gat in z’n hoofd.

Jory en ik raakten helemaal in paniek toen papa daar zo op de grond onder de tafel lag. Daardoor gingen we door de flat (waar hij toen woonde) rennen en bij mensen aanbellen, om te kijken of iemand ons kon helpen. Maar omdat het zo vroeg was deed er niemand open, want iedereen sliep nog, natuurlijk. Toen belde ik in paniek mama op en ik vertelde wat er was gebeurd. Ze zei dat ik 06-11 moest bellen. En mama zou opa Bram, opbellen om te vragen of hij haar naar ons kon brengen (we hadden toen zelf nog geen auto). Ik belde de alarmlijn en vertelde water aan de hand was. Het meisje aan de telefoon zei dat ze een ambulance zou sturen. Na ongeveer 5 of 10 minuten kwam de ambulance. De sirene die we hoorden was voor ons, nou ja voor papa, maar omdat er in Utrecht zo veel sirenes zijn/waren, hadden we niet eens door dat het voor ons was, totdat er aangebeld werd. De broeders vertelden en ons dat er niks ernstigs met papa aan de hand was, maar dat ze hem voor de zekerheid toch even meenamen naar het Academisch Ziekenhuis Utrecht. Ze wilden ons ook meenemen naar het ziekenhuis, omdat ze niet wisten wat ze anders met ons moesten doen, maar gelukkig kwamen opa en mama eraan. Jory en ik zaten nog steeds helemaal in de stress over hoe dat nou met papa moest. Maar mama stelde ons gerust dat ze papa alleen maar even gingen onderzoeken, en dat ze hem dan later weer terug brachten.

Ik was/ben echt zo blij dat opa Bram er toen was. Want anders had ik echt niet geweten wat we hadden moeten doen. Toen opa ons (mama, ik en Jory) weer thuis had gebracht, moest ik heel erg huilen. Gewoon van de schrik en de spanning en zo. En die maandag 11 oktober zouden we voor het eerst naar onze nieuwe school gaan in Maarssen. Daar waren we toch al zenuwachtig voor en dan gebeurde dat ook nog eens.

Na dat allemaal achter de rug te hebben, gingen we naar onze nieuwe school. Ik was heel zenuwachtig, gelukkig hadden we al een paar keer gekeken op die school, dus het was wat minder eng. Maar toch was ik nog heel zenuwachtig.

De school heet de Christelijke Basisschool Het Madeliefje. Op die school heb ik Klaartje Molenweijck en Belinda Grootenhuys leren kennen. Zij zijn nu 2 van mijn beste vriendinnen.

Anderhalf jaar ging het goed met ons en mijn vader. Hoewel we niet meer bij papa durfden te slapen, omdat hij misschien nog wel een keer zo’n aanval zou kunnen krijgen. Dat vond ik zo eng dat ik dat niet meer durfde.

In plaats van dat wij naar hem toe gingen kwam hij naar ons toe. Dan gingen we altijd door het dorp lopen of we spraken op Katwijk aan Zee af. Dat was altijd wel leuk. Maar het was leuker als we bij hem thuis waren. Ik vond het zo erg dat ik daar niet meer durfde te slapen!

Onder tussen hadden we het op school ook heel leuk. Ik heb in groep 7 en 8 heel veel lol gehad. Gelukkig kwam ik in een hele leuke klas terecht, anders had ik de schok die ik in groep 8 kreeg denk ik niet kunnen verwerken.

Het was woensdag 17 januari 1998.

Mama zou die dag met haar werk een uitstapje hebben. Dus ze was er de hele dag niet. Jory en ik zouden bij opa en oma Van Beeren eten. ‘s Middags waren we bij opa en oma en we vonden ze al heel vreemd doen. Mama die zou rond 6 uur thuis komen. En oma zei: ‘Je moet om 6 uur thuis zijn.’ We zeiden: ‘Maar dan zijn we nog niet klaar met eten!’. ‘Maakt niet uit,’ zei oma, ‘jullie moeten gewoon om 6 uur thuis zijn’.

Om kwart voor 6 gingen Jor en ik naar huis. Onderweg waren we hartstikke vrolijk. Het regende dus Jory had een regencape van opa aan. Hij leek net op Superman. We schreeuwden de hele tijd keihard: SUPERMAN! Thuis aangekomen zagen we al vanaf de tuin dat er iemand was. Toen we binnen kwamen zagen we dat het mijn oom Floris was. Jory wist meteen dat er iets goed verkeerd was. Maar ik liep vrolijk naar binnen. Mama vertelde ons iets verschrikkelijks.

Mijn vader was die nacht overleden…

Toen ik dat hoorde viel ik zowat flauw geloof ik. Ik ging helemaal gillen en huilen. En ik viel op de bank neer. Opa Bram die ondertussen ook gekomen was, met oma, zette me op zijn schoot en probeerde me te troosten. Toen ik een beetje was bij gekomen ging ik bij mama zitten. Zij was er ook heel erg aan toe. Het was toch voor bijna 20 jaar man, vriend en kameraad geweest.

De volgende dag gingen we wel naar school, want mama zei dat het beter was voor de afleiding. We gingen van alles maken voor kerst. En ik was al een paar dagen daarvoor uit gekozen om kerst kransen te maken met nog een paar anderen. Dat was wel leuk, maar of ik er nou veel aan gehad heb?

‘s Avonds had ik kaarsjes avond met toneel. Dat was wel leuk, maar ik weet niet of ik me wel zo goed kon concentreren. Ik ben de volgende dagen ook wel doorgekomen, en de vrijdag had ik alweer een toneel uitvoering. Dit keer in de Mariaschool. Na de uitvoering ben ik nog naar de Winde teruggegaan om even mijn schmink te laten zien.

Zondag 21 januari 1998 was de crematie…

Ik heb die nacht ervoor ook zowat niet kunnen slapen, maar ik denk dat, dat wel logisch is, toch? Ik herinner mij er niet zo heel veel van, maar ik zal proberen er zoveel mogelijk van te vertellen.

‘s Ochtends kon je afscheid nemen van papa. Ik weet niet meer hoe het heet daar, maar dat is niet zo belangrijk. Daarna gingen we met zo ’n volgauto naar Het Crematorium. Ik zat met Irene, Hannah, Mark, mama en Jory in een auto. Het is echt eng om in zo ‘n auto te zitten. Toen we in Het Crematorium aan kwamen stapte iedereen uit. We gingen naar binnen en het begon ze begonnen met Thank You For Loving Me, een liedje van Bon Jovi, dat papa heel mooi vond, daarna kwamen er een paar liedjes van de Rollingstones, waaronder Angy (of zoiets), papa hield heel erg van de Rollingstones. Toen die liedjes waren geweest en een paar mensen wat hadden gezegd (ik weet niet meer wie), ging er een schuifwand open, en reed ineens de kist waar papa in lag zo de ovens in. Ik wou hem bijna achterna gaan maar dat ging natuurlijk niet. Toen de kist weg was moesten we (de familie) in een andere kamer naast elkaar gaan staan, zodat iedereen ons kon condoleren. Dat was echt erg.

Na dat alles ben ik met mama en Jory nog naar een park in Utrecht gegaan. Mama wou met ons afspreken, dat we altijd als er een speciale dag was, we naar Dat park in Utrecht zouden gaan. Inmiddels zijn we daar nog maar een paar keer geweest, omdat Jor en ik er niet naar toe willen.

De maandag na de crematie gingen we weer gewoon naar school. Ik had in de klas altijd op maandag een kringgesprek. Deze keer ging het over:,, Hoe ga je om met de dood?”. Al die kinderen vroegen hoe het was enzo. Dat vond ik niet echt leuk. Ik heb de hele maandag met dat liedje van Bon Jovi in mijn hoofd gezeten. Ik heb in die tijd echt geleerd wie mijn echte vrienden waren.

Omdat we niet thuis wilden zijn met kerst gingen we op vakantie. We gingen naar Oostenrijk op wintersport. Dat was heel leuk, maar ik had het nog leuker gevonden als papa er bij was geweest natuurlijk.

In februari 1998 had ik de CITO-toets. Ik was echt verbaasd toen ik hoorde dat ik de hoogste score van de klas had gehaald. Je kon 550 punten halen en ik had er 550! Ik was heel boos dat papa er niet bij kon zijn, en mama zei dat papa wel heel trots op me zou zijn. Ik kon dus naar het VWO.

We gingen een school uitzoeken en ik ging naar het EinsteinCollege in Zeist. Klaartje en Belinda gingen ook naar het EinsteinCollege. Ik kwam in een VWO klas. En het ging allemaal best wel goed. Ik ontmoette daar ook Brenda Rinkenveen. Eerst leek het erop, dat ik haar helemaal niet aardig zou vinden, omdat ze een paar heel ondoordachte dingen had gezegd, maar nadat we het goed hadden gepraat werden we hele goede vriendinnen.

Toen papa een half jaar dood was kreeg mama een vriend, genaamd Otto Molenweijck. Hij is de oom van Klaartje Molenweijck. Het was op zich heel leuk voor haar dat ze een vriend had, maar dat dat nou net Otto moet zijn…

Op een dag (ik weet niet eens de datum meer, want dat heb ik verdrongen) gingen we even fietsen en bij camping ‘Ravot’ iets drinken. Toen zat Otto daar dus en mama kende hem nog van vroeger. Ze was vroeger al verliefd op hem (wat ik niet kan begrijpen, want hij is dik vet en hartstikke lelijk en hij heeft een klote karakter), maar toen had hij met haar oudste zus. Dus toen vroeg mama of hij bij ons kwam zitten. Dat wilde hij wel en toen vroeg ze of hij een keertje langs kwam. Toen hij kwam hebben ze een hele tijd over van alles zitten praten. Ze vroeg of hij wilde blijven eten en hij bleef. Jory en ik vond het (toen nog wel) goed. De volgende keer dat hij kwam gingen we naar Katwijk. Jory en ik liepen te rennen en te vliegen over het strand. Maar toen we weer naar mama en Otto liepen stonden ze te zoenen. Jor en ik schrokken ons dood. We renden meteen weg. En mama en Otto achter ons aan natuurlijk. We hoorden later van mama, dat toen die eikel bij ons had gegeten ze ook al gezoend hadden. Ik heb Otto vanaf dat moment gehaat, maar Jory draaide op een gegeven moment wel weer bij.

Otto was dus uit zijn huis gegooid nadat die ontslagen was en de huur niet meer betaalde. Hij was ontslagen, omdat hij te veel dronk. Inderdaad je ziet het goed: Hij Dronk Te Veel! Het lijkt wel of mama ze uitzoekt of zo. Maar toen hij dus ontslagen was zat hij elke dag bij Kees op de camping. Tot hij uit zijn huis gegooid werd en daarna woonde hij bij zijn ouders (arme mensen).

Mama en Otto gingen samen werk zoeken voor Otto. Ze vonden werk in Schiermonnikoog (in Schiermonnikoog). Toen gingen ze samen op vakantie om een kamer in de buurt te vinden. Dat lukte dus en Otto ging daar werken. Gelukkig kwam hij alleen in de weekends bij ons thuis. Dat waren echt klote weekends. Na een tijd kregen mama en Otto ruzies. En als ze het dan na een tijd weer goed maakten, konden Jory en ik niks meer goed doen. Otto trok Jory ook onwijs voor. Hij ging met hem naar de bioscoop en weet ik het wat allemaal. Ik vond het ook niet erg dat hij dat niet allemaal met mij deed. Maar toch, dat is een van de dingen die je niet kan maken in een gezin.

Toen we in de voorjaarsvakantie van 1999 op vakantie naar Vaals waren kregen mama en Otto onwijze ruzie. Otto en Jory gingen shoarma of zo kopen en mama en ik gingen nog even winkeltjes kijken. Toen we terug kwamen bij dat restaurant, zagen we Otto in het café er naast zitten. Mama stapte uit de auto en liep naar het café. Ze vroeg aan Otto, waarom hij niet bij Jory stond. Hij zei dat hij trek had in een biertje en dat Jory geen zin had om mee te gaan. Mama werd heel boos, omdat hij niet eens een half uurtje van het bier af kon blijven. Ze kregen dus ontzettende ruzie, met gevolg dat de rest van mama en Jory hun vakantie was verpest. Mijn vakantie was al verpest omdat Otto meeging, dus het werd er nu alleen maar beter op. Maar het was natuurlijk ook niet leuk, dat er ruzie was. Je voelt dan toch dat er een spanning is (kwade energie zoals Brenda zou zeggen).

Het was heel erg die ruzie. Mama vroeg dus aan mij of ze in mijn kamer mocht slapen (ik had toch twee bedden), want ze wou niet bij Otto in bed, natuurlijk. Wij zaten tv te kijken beneden, toen Otto ineens een hele hoop van mama haar spullen naar beneden gooide. Hij schreeuwde: 'Als je toch niet hier wilt slapen, waarom zouden je spullen dan toch hier moeten staan?'. Mama werd helemaal kwaad toen hij dat deed. Ik weet niet precies meer wat er toen gebeurde, maar wat ik wel weet is dat mama, Jory en ik toen zonder Otto naar huis zijn gegaan. De avond na de ruzie, gingen we uit eten in Duitsland. We gingen er op de fiets naar toe (we hadden daar fietsen gehuurd), en toen zag Jory ineens iets in een bosje. Hij racete er naar toe. En raad eens wie hij in het bosje zag liggen? Het was Otto! We hadden echt lol.

Toen we weer thuis in Maarssen waren, hadden ze het na een tijdje weer goed gemaakt. Ik vond het echt zwaar klote.

Maar na een paar maanden of weken of zo ging het weer mis, ik weet niet meer wat er was gebeurd, maar ze kregen onwijze ruzie…

En daarna ging het voorgoed uit tussen hen.

Toen het uit was bleef Otto ons bellen. Als ik of Jory opnamen dan legde hij meteen weer neer, maar als mama opnam, dan begon hij haar helemaal verrot te schelden. Dat was echt niet leuk. We hebben op een gegeven moment zelfs een ander nummer genomen. Ook had die eikel nog spullen van hem bij ons staan. We hebben ze gewoon in de schuur gegooid. Op een zondag kwam hij ineens aan de deur. Ik was nog in mijn pyjama en ik deed de deur open. Toen ik hem zag staan en hij vroeg of hij nog wat spullen van hem mocht pakken, gooide ik de deur dicht en rende naar mama. Die zei, dat ik hem wel binnen kon laten en naar de schuur brengen dan kon hij het zelf uitzoeken. Toen hij zijn schaatsen had, had hij zo ongeveer alles van hem naar buiten gegooid en hij zei, dat wij dat wel mochten hebben. En er stond nog wat in de schuur dat hij nog wel wilde hebben, maar kon het niet meenemen allemaal, omdat hij op de fiets was. Hij zou het wel weer op komen halen. Hij heeft het dus nooit opgehaald, maar Barend (zijn broer) heeft het, nadat mama had gebeld of iemand van hun familie alles op wou komen halen, allemaal in zijn auto gegooid.

We hebben daarna geen last meer van hem gehad. Maar ik hoorde een paar weken geleden van Klaartje, dat hij was ontslagen in Schiermonnikoog. Een paar dagen later hoorde ik, dat hij nou ook uit zijn huis was gezet. Alweer. Maar ik wist al dat hij weer in Maarssen was, omdat ik hem een paar keer door de straat zag fietsen. Nu woont hij weer bij zijn ouders volgens Klaartje en hij zit elke (of in ieder geval bijna elke) avond in de kroeg bij het Mariahuis. Dat weet ik, omdat ik het zelf kan zien als bij toneel of de scouting ben.

Dit allemaal is alweer ongeveer anderhalf jaar geleden gebeurd, geloof ik.

Voordat Otto kwam had Belinda me een keer meegenomen naar de Gidsen. Dat is een groep bij de Scouting. Je hebt ook de Bevers (4 tot 6 jaar), de Esta’s (6 tot 8 jaar), de kabouters (meiden 8 tot 10 jaar), de Welpen (jongens 8 tot 10 jaar), de Gidsen (meiden 10 tot 14 jaar), de Verkenners (jongens 10 tot 4 jaar), de Explorers (14 tot 18 jaar) en je hebt ook nog de Stam (18 tot … tot ze niet meer willen (en dat is heel oud, want wie gaat er nou vrijwillig bij de Scouting weg (behalve als je niet anders kan of je bent gestoord (haha ;-) ). Maar Belinda had me dus meegenomen en daar ontmoette ik Dawn van der Hoofd. Ik kende haar al, maar na het Gidsen kamp in 1999 werden we HELE goede vriendinnen. De leiding heette toen: Marcella, Lisanne, Froukje, Laura en Miranda. We hebben hele leuke dingen gedaan bij de gidsen. De meesten kende ik al van toneel. Ik had met Marcella Brand hele goede vriendinnen.

Na het eerste kamp ging Belinda van de Gidsen af, dat vond ik niet zo leuk, maar gelukkig heb ik toch nog hele goede vriendinnen over gehouden. Het kamp was heel leuk en ik heb veel verteld over papa en mama en zo. We hebben hele spannende, gave, coole, toffe en te gekke dingen gedaan. We gingen naar de stad om zelf eten te kopen en het daarna zelf klaar te maken, in het bos hebben we spannende dingen gedaan, zoals: ninja ’s verslaan en eerst opzoeken, heksen zoeken en ‘betoveren’, trollen en duivels en zo achtervolgen. We moesten ook zombies tegenhouden en een meisje redden. Het was heel erg gaaf gewoon.

Na het Gidsen kamp gebeurde er een tijdje niets bijzonders… totdat opa Bram ineens ziek werd.

Opa was altijd heel gezond. Hij ging elke dag hardlopen of fietsen en in de winter ging hij schaatsen. Hij was heel sportief, hij had zelfs een paar keer de Elfstedentocht uitgereden.

Maar op een gegeven moment kreeg hij last van zijn longen. Tijdens het hardlopen kreeg hij af en toe geen lucht meer. Dus opa en oma gingen naar de huisarts. De dokter zei dat hij maar even rustig aan moest doen. Dat deed opa, maar na een tijdje ging hij weer gewoon hardlopen. Dat ging dus niet goed. Toen moest hij naar het ziekenhuis, daar stelden ze vast dat er vocht achter zijn longen zat. Dat werd er elke keer als hij daar was uitgehaald en dat was in het begin elke 2 weken geloof ik. Dan werd er iets van 1½ tot 2 liter weggehaald. Dat zoveel water allemaal in de ruimte achter je long kan zitten, dat geloof je toch niet. Maar ze moesten natuurlijk weten waar dat vocht vandaan kwam. Dus gingen ze opa onder zoeken. Ineens werkte één long al niet meer.

Opa heeft sinds april in 2000 niet meer gesport omdat dat niet meer kon. De dokters gingen allemaal onderzoeken doen. De dag voor mama’s verjaardag kregen ze de uitslag van het onderzoek, geloof ik.

Het was een hele slechte uitslag…

Opa was ongeneeslijk ziek. Hij had borstvlies kanker… dat kwam toen nog maar heel weinig voor. Het wordt veroorzaakt als iemand ongeveer 30/40 jaar geleden met asbest heeft gewerkt. De werkingen zijn dus pas na tientallen jaren te zien. Het ergste is nog wel, dat de meeste werkgevers wel wisten dat er iets verkeerd was met asbest maar dat zeiden ze niet tegen hun werknemers.

Jory en ik zouden dat weekend met de Scouting op kamp gaan. Mama vertelde het aan ons en ze zei dat ik me niet te veel zorgen moest maken, maar hoe wil je dat doen, als je zo ongelofelijk veel van je opa houd als ik. Dat kan niemand toch? Ik heb dat hele weekend met onwijze pijn in mijn buik rond gelopen. Het was wel leuk, maar ik heb toch nog de hele tijd aan opa moeten denken. En toen ik het aan Marcella vertelde moest ik de hele tijd huilen.

Het ging een tijdje gewoon, maar opa werd steeds zieker. En hij moest natuurlijk de hele tijd naar het ziekenhuis om dat vocht weg te laten halen. Na een tijd werd de pijn ondraaglijk en toen werd hij ook nog bestraald. De dokter zei dat hij ook wel een chemo kuur kon hebben, maar dat hij daar wel nog een tijd heel ziek van kon worden en het zou hem ook niet helemaal beter maken. Opa wist dat het met hem afliep en hij wou dus geen chemo kuur.

Het bleef een paar maanden hetzelfde. Ondertussen hoorde ik, dat Thomas, de vriend van Lisanne van de Gidsen, hetzelfde als opa had. Daarom ging Lisanne na het kamp ook weg bij de Gidsen. Op het kamp hadden we van alles voor haar gemaakt en gekocht. We vonden het natuurlijk helemaal niet leuk dat ze weg ging en de reden waarvoor al helemaal niet. Thomas zou in augustus geopereerd worden en dat is inmiddels gebeurd. De operatie is goed gegaan, maar het zal nooit helemaal goed komen met hem. En ik hoop dat hij nog heel lang gewoon door kan blijven gaan.

Op dat laatste kamp bij de Gidsen, was het heel gezellig. Ik heb een nog betere band opgebouwd met Marcella en Daisy (zij en Corinne zijn nieuwe leiding bij de Gidsen en gingen ook mee op kamp (dit seizoen zijn er ook nog Nadine en Patty als leiding bij gekomen). Maar op kamp was het dus heel leuk, behalve dan dat ik de hele tijd aan opa moest denken.

Doordat ik me zo zenuwachtig over opa maakte heb ik mama een keer door de week opgebeld om te vragen hoe het met opa was. Gelukkig ging alles nog het zelfde.

Maar op kamp gingen Maarten, Bas en Jerry, die was ook leiding bij de Explo’s, ook mee voor een weekendje. Dat was echt lachen. Natas had ineens verkering met Jerry. En ze ging allemaal verhalen over hun vertellen; over hoe zei hoopte dat het later allemaal zou gaan. Dat was heel leuk. Maar het stomme is, Jerry zou voor een jaar naar Maleisië gaan. Ze heeft hem zelf overgehaald om het toch te doen, want ze zijn al heel lang vrienden. Maar toen ging het uit met haar vriend en met zijn vriendin al een paar maanden daarvoor en toen gingen ze op stam-bacu…

Hij ging op 5 oktober 2000 weg en hij komt weer terug begin augustus van dit jaar (2001). Ik heb voor Natas een kalender gemaakt waarop ze kan aftellen totdat hij terug komt.

Maar ze is in februari een maand naar Maleisië geweest. Ze vond het heel erg leuk. En Jerry ook. En hij gaat mee op kamp met de Explo’s! Dat is heel leuk.

We zouden in de zomervakantie van 2000 met de hele familie naar Egypte op vakantie gaan, maar dat ging natuurlijk niet door, omdat opa te ziek was. Maaike (mijn tante), Edwin (mijn oom), Lisa (mijn andere tante) en Martha (nog een andere tante) gingen allemaal wel op vakantie. Maar wij wilden oma niet alleen thuis laten, dus gingen we niet en het was ook gewoon zo dat we toch geen zin hadden om op vakantie te gaan. Gelukkig hebben we er ook zonder dat we op vakantie gingen er een beetje een leuke vakantie van gemaakt.

Toen de vakantie afgelopen was gingen we weer naar school.

En ik kwam in de derde klas van het VWO en dat is heel moeilijk.

In september ging ik met de Scouting weer een weekendje op kamp. Het overvlieg-weekend. Jory was na zijn eerste kamp al weer bij de Verkenners weg, want hij vond het te saai. Ik vloog in dat weekend over naar de Explorers, samen met nog een paar anderen van de Gidsen.

Op de Explorers is het heel leuk. Maarten en Bas waren onze begeleiding toen ik er op kwam. En ze zijn heel gaaf en gezellig. Later kwam Nicky er nog bij. En nu is Xander er ook bij. We doen hele leuke dingen bij de Explo’s en we gaan altijd naar het buitenland op kamp.

Het weekend was heel leuk, maar ik had juist dat weekend gehoord dat opa euthanasie wilde gebruiken. Ze moesten alleen nog de papieren krijgen; zodat de dokter niet in de problemen zou raken.

Ik ben in de tijd dat opa ziek was, nog meer dan anders bij opa en oma geweest. En ik kon echt goed zien dat het steeds slechter ging.

Opa die wilde dat nog een keer al zijn kinderen bij elkaar kwamen, en dat hebben ze dus ook gedaan. Maar opa kon niet goed praten dus ze hebben het er eigenlijk niet over gehad alleen over onbelangrijke dingen.

Ik was op een vrijdag naar de Explo’s geweest en omdat mama naar opa en oma was met haar zussen en broertje (ze wilden alleen bij ze zijn), moest ik na de Explo’s naar Leontine (mijn tante), ma toen ik aanbelde deed ze huilend de deur open.

Opa was die vrijdagavond 30 oktober 2000 overleden…

Ik had de hele dag al een voorgevoel gehad en toen ik die middag bij opa was dacht ik echt dat ik hem voor het laatst zou zien. En het stomme was dat ik hem niet eens een kus durfde te geven, omdat ik dacht dat hij dan zou stikken. Gelukkig zei mama dat het niet erg was als ik dat deed. Toen ik weg ging heb ik totdat het niet meer ging zijn hand vast gehouden.

Maar toen ik dus bij Leontine was gingen we meteen naar het huis van opa en oma. Daar was de hele familie al. Ik en Jory (want die was ook bij Leontine) renden meteen naar mama. Iedereen was heel stil. Ze vroegen de hele tijd: 'Gaat het een beetje?'. Dan dacht ik: nee natuurlijk niet, maar dat zei ik niet want iedereen had het zelf ook moeilijk natuurlijk.

Ik wilde eerst niet bij opa kijken, want dan zou ik, dacht ik, de hele tijd aan opa moeten denken als hij al in de kist lag. Maar ze zeiden, dat hij nog op een soort brancard lag en dat hij dus nog niet in de kist lag. Toen ik ging kijken lag hij er best wel vreemd bij. Er lag een of andere rol onder zijn kin. Maar ze zeiden, dat dit was omdat anders zijn mond open zou gaan staan en dat zou er nog enger uit zien. Verder zag hij er wel een beetje normaal uit, het was net of hij sliep. En ze hadden hem ook nog niet opgemaakt.

De crematie was op dinsdag 26 september…

We gingen er gelukkig zonder van die volgauto’s naar toe. Ik zat bij Maaike in de auto. Marlies ging de hele tijd allemaal vragen er over stellen. Dat was heel irritant, maar dat kan zo’n kleintje ook niet weten. Toen we daar aan kwamen moesten we eerst nog ergens wachten. Ik zat de hele tijd bij oma, die had het natuurlijk ook heel erg moeilijk. Toen we naar binnen mochten draaiden ze een liedje van Beatles, All You Need Is Love. Ze draaiden ook nog andere liedjes maar daarvan weet ik niet meer welke. De titel van een liedje weet ik nog wel: Nobody Knows. Het waren hele mooie liedjes en opa had zelf gezegd dat hij die wilde op zijn crematie. Sander (mijn neefje) zat bij me p schoot en dat was wel een hele troost.

In de dagen voor zijn crematie hebben we heel veel moeten regelen. En ik ben ook niet naar school geweest zoals toen met papa. De zaterdag voor de crematie heb ik Belinda en Klaartje gebeld om het te vertellen, ze wisten allebei niet wat ze moesten zeggen en dat kan ik ook wel begrijpen. Daarna probeerde ik Marcella en Daisy te bereiken maar die kreeg ik pas zondag aan de lijn. Ik heb met hun echt hele goede gesprekken gehad en ze vrolijkten me ook weer een beetje op.

Voordat opa was overleden, schreef ik altijd in mijn dagboek aan mijn vader. Net alsof het brieven waren die hij ook kon lezen, maar ik durfde niet te vertellen of zo dat opa was overleden. Daarom ben ik brieven gaan schrijven aan Marcella. En zij schrijft ook terug aan mij, dat is het leuke ervan ik krijg altijd een antwoord terug.

In de kerstvakantie van 2000/2001 gingen we met oma op vakantie naar Oostenrijk. Het was heel gaaf. We hadden goed weer. Er was maar een probleempje; we mochten de grens eerst niet over. Dat kwam omdat ik nog bij mama’s paspoort stond ingeschreven. En dat mocht niet in Oostenrijk. Dus was er allemaal gedoe maar uiteindelijk gingen we nog een keer proberen met een taxi en toen konden we er gewoon langs.

Nu is er al een tijd niks gebeurd, en dat wil ik ook wel zo houden eigenlijk. Ik ga nu voorlopig stoppen. Misschien dat ik over weer 15 jaar verder ga. Als er dan weer veel gebeurd is. Ik hoop dat je het een beetje interessant vond, en anders heb toch echt pech en had je het maar niet moeten lezen, toch? Ik vond het af en toe wel moeilijk om alles te vertellen en ik heb ook af en toe zitten huilen, maar dat vind ik niet erg, want ik ben nu alles kwijt en ik hoop dat ik het er voortaan wat makkelijker mee zal hebben.

Misschien tot over 15 jaar, en anders veel geluk in je verdere leven.

Veel liefs en -xxx-jes van Christie.


Je kunt Chantal mailen op chantalluhkuh@hotmail.com

Ook jij kunt hier je kinderverhalen publiceren, en je illustraties aan kinderverhalen toevoegen.
Hoe meer mensen mee schrijven en tekenen, des te meer kinderen hebben plezier van onze verhalen.
Dus doe mee !!


omhoog    home